Inbreng Infra­struc­turele Kapi­taal­goe­deren


14 februari 2020

Voorzitter,

Wat de Partij voor de Dieren betreft behoren de Provinciale wegen en fietspaden, anders dan een vliegveld, tot de echte “basisinfrastructuur” van Limburg. Ik verwacht dat vrijwel iedere Limburger bij tijd en wijle wel gebruikt maakt van deze voorzieningen.

Jammer genoeg behoort Limburg, samen met Noord-Brabant, tot de Provincies waar de meeste verkeersongevallen plaatsvinden. De oorzaken hiervoor lopen sterk uiteen, maar we kunnen ervan uitgaan dat een van de factoren betrekking heeft op de kwaliteit en de onderhoudstoestand van weg of fietspad. Per slot van rekening asfalt slijt en wordt gladder, fietspaden kunnen worden onderworteld, en zo zijn er waarschijnlijk nog veel meer voorbeelden te geven. Goed onderhoud draagt dus zeker bij om onze wegen veilig te houden.

In het Statenvoorstel dat nu voorligt wordt geconstateerd dat er niet voldoende geld is om het noodzakelijke onderhoudsniveau te handhaven en continueren. Als oplossing wordt voorgesteld om de onderhoudscyclus op te rekken, dus onderhoud uit te smeren in de tijd, om daardoor geld vrij te maken.

Voorzitter, dit doet mij denken aan een beroemde uitspraak van onze “College-filosoof”: als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan. Maar of dat is dit geval een wijs besluit is betwijfel ik.

In de tijd dat ik nog in de industrie werkte heb ik meerdere malen meegemaakt dat er bezuinigd moest worden op onderhoud. Met voor de korte termijn een leuk resultaat. Maar op de langere termijn bleek naar verloop van jaren vaak dat om het achterstallige onderhoud weg te werken een veelvoud van het eerder bespaarde bedrag nodig was. Op de langere termijn levert het niets op, integendeel, het wordt een onverwachte extra kostenpost.

Door deze ervaring uit het verleden is de Partij voor de Dieren kritisch op dit voorstel, en neigen we ernaar om tegen te stemmen. Kan de Gedeputeerde ons er nog van overtuigen dat de voorgestelde werkwijze verantwoord is en in geen geval tot een verslechtering van de verkeersveiligheid gaat leiden? Wat zijn de harde aanwijzingen dat onderhoud op basis van inspecties, zoals nu voorgesteld, ook werkt en gelijkwaardige resultaten oplevert? Zijn er voorbeelden of studies uit andere Provincies waarmee dit aangetoond kan worden?

We zijn benieuwd naar de reactie van de Gedeputeerde.