Vragen Festivals en natuur­waarden


Geacht College, ​​

Via de Openbare Besluitenlijst van het Collegevernemen we dat Gedeputeerde Staten hebben kennis genomen van het SIRA-advies ‘Vermindering regeldruk bij evenementen in Limburg’.

Gedeputeerde Staten gaan het rapport ter informatie en ter inspiratie toezenden aan alle Limburgse gemeenten en aan de organisatoren van evenementen, evenals met een mededeling portefeuillehouder aan Provinciale Staten.

Op pagina 54 van het Sira rapport staat dat het voor organisatoren door de Wet Natuurbescherming onmogelijk is om evenementen te organiseren in een Natura 2000-gebied en dat dergelijke aanvragen in de praktijk maar zeer beperkt voorkomen. Voordat een aanvraag wordt gedaan denkt de provincie wel mee of het zinvol is deze te doen. Wanneer de aanvraag er eenmaal ligt dient deze te worden afgehandeld waarbij de uitkomsten voor de organisator wel eens negatief kunnen uitpakken. Voor soorten moet er een quickscanworden uitgevoerd, wat leidt tot hoge kosten als er ecologisch onderzoek en compenserende maatregelen getroffen moeten worden.

In de praktijk zijn dit voor de organisator nog wel eens onvoorziene kosten waar aanvankelijk geen rekening mee werd gehouden en een onvoorziene tegenslagkunnen vormen. Dit is tevens niet bevorderlijk voor het draagvlak voor natuurbescherming.

Dat leidt tot de volgende vragen van de Partij voor de Dierenfractie:

1. Heeft het College inzicht of er bij alle georganiseerde festivals getoetst wordt aan de Wet Natuurbescherming (WNB)?

Zo nee, waarom niet en hoeveel festivals vinden plaats zonder toetsing aan de WNB ? (in percentages) Hoeveel festivals vinden plaats zonder ontheffing of vergunning? (in percentages)

2. Hoe borgt het College dat in alle gevallen waarbij mogelijk sprake is van effecten op beschermde soorten of andere natuurwaarden ook daadwerkelijk een ontheffing of vergunning wordt aangevraagd?

3. Heeft het College zicht op hoe er bij de festivals met de natuurwaarden wordt omgegaan? Kunt u uw antwoord toelichten? Hoe toetst het College gemeentelijke plannen, zoals bestemmingsplannenen omgevingsvergunningen, op hoe er met natuurwaarden wordt omgegaan en of er voldoende rekening gehouden wordt met cumulatieve effecten?

4. Wordt er bij elke vergunning ook op toegezien dat de voorschriften i.r.t. de WNB worden nageleefd? En in hoeveel gevallen (%) zijn de voorschriften naderhand onvoldoende gebleken? Kunt u uw antwoord toelichten?

5. Deelt het College de mening van de PvdD fractie dat een vroege voorlichting over de risico’s van het organiseren van een festival nabij natuurgebieden of nabij belangrijke rust- en verblijfsplaatsen van beschermde soorten waardevol is voor de natuur én voor de initiatiefnemer?

6. Hoe borgt het College dat gemeenten voldoende op de hoogte zijn van mogelijke effecten van festivals op (al dan niet beschermde) soorten en de daartoe opgestelde wet- en regelgeving?

7. In het rapport staat onder 8.3.2 dat het veel gemeenten aan kennis van de Wet Natuurbescherming ontbreekt en de impact die dit heeft op evenementen en dat de provincie deze kennis kan ontsluiten door periodieke bijeenkomsten en een helpdeskfunctie inrichten voor de gemeentelijke evenementencoördinatoren.

Is het College bereid in het kader van deregulering festivals gericht beleid te maken om zowelgemeenten als initiatiefnemers van festivals, als bevoegd gezag van de WNB, te wijzen op een natuurwaardenonderzoek, een Quickscan (en mogelijk dure en tijdrovende aanvullende eisen als een ecologisch onderzoek en compenserende maatregelen) en de risico’s (kans op negatief advies in Natura2000 gebieden en bij verstoring van beschermde soorten)? Zo nee, waarom niet?

We zien de antwoorden graag tegenmoet binnen de daarvoor gestelde termijn.

Met vriendelijke groet,

Pascale Plusquin

Partij voor de Dieren Limburg

Antwoorddatum: 25 jun. 2019

1. Heeft het College inzicht of er bij alle georganiseerde festivals getoetst wordt aan de Wet Natuurbescherming (WNB)?

Zo nee, waarom niet en hoeveel festivals vinden plaats zonder toetsing aan de WNB ? (in percentages) Hoeveel festivals vinden plaats zonder ontheffing of vergunning? (in percentages)

Antwoord. Ja. Zonder exacte aantallen te kennen is ons bekend dat niet alle festivals getoetst worden aan de WetNatuurbescherming (Wnb). We constateren dit enerzijds op het moment dat de provincie via de social media of andere informatiebronnen verneemt dat er een evenement georganiseerd gaat worden of plaats heeft gevonden door een interne check uit te voeren en anderzijds wanneer er verzoeken binnenkomen om handhavend op te treden. Er bestaat echter geen compleet overzicht van het aantal evenementen in de Provincie Limburg. In het door u aangehaalde SIRA rapport ‘Vermindering regeldruk evenementen Provincie Limburg’ wordt een schatting gemaakt dat binnen de 33 Limburgse gemeenten jaarlijks circa 6000 evenementen worden georganiseerd.

Deze evenementen worden merendeels bij de gemeenten aangemeld. Vaak is het bij de initiatiefnemer niet duidelijk dat er mogelijk sprake is van een Wnb vergunning die door de provincie verleend moet worden (immers, niet alle evenementen hebben effect op de natuur). In de evenementenvergunning is geen link gelegd met de Wnb. Wanneer een initiatiefnemer niet actief gewezen wordt op een mogelijke vergunningplicht in het kader van de Wnb bestaat het risico dat er ook geen onderzoek naar gedaan wordt.

2. Hoe borgt het College dat in alle gevallen waarbij mogelijk sprake is van effecten op beschermde soorten of andere natuurwaarden ook daadwerkelijk een ontheffing of vergunning wordt aangevraagd?

Antwoord. Wanneer iemand voornemens is om een evenement te organiseren zal deze persoon zich als eerste bij de gemeente melden. Omdat er in de wetgeving ten aanzien van evenementen geen koppeling zit tussen de Wnb en andersoortige vergunningen of besluiten is gemeentes gevraagd om als eerste aanspreekpunt de organisatoren te wijzen op de mogelijke effecten in het kader van de Wnb en vervolgens door te verwijzen naar de provincie. Voor organisaties of personen die vaker evenementen organiseren is de route naar de provincie bekend. Voor mensen die sporadisch te maken hebben met het organiseren van evenementen (vrijwilligers uit het verenigingsleven) ligt dat wat anders.

3. Heeft het College zicht op hoe er bij de festivals met de natuurwaarden wordt omgegaan? Kunt u uw antwoord toelichten? Hoe toetst het College gemeentelijke plannen, zoals bestemmingsplannenen omgevingsvergunningen, op hoe er met natuurwaarden wordt omgegaan en of er voldoende rekening gehouden wordt met cumulatieve effecten?

Antwoord. Om te kunnen bepalen of het festival schadelijke effecten heeft op natuurwaarden moet bekend zijn welke in stand te houden en te ontwikkelen habitattypen en beschermde soorten er op en rond de locatievoorkomen en waarvoor deze gevoelig zijn. In opdracht van de initiatiefnemer kan een ecologisch deskundige hierop, door middel van een zogenaamde Quick Scan, antwoord geven. Indien wordt vastgesteld dat het evenement geen schadelijk effecten heeft is er geen toestemming nodig van het bevoegd gezag om het evenement te organiseren. Indien het evenement in de basis wel schadelijke effecten heeft of deze niet uitgesloten kunnen worden dient een vergunning of ontheffing bij ons College aangevraagd te worden.

Bij andersoortige activiteiten (in het kader van omgevingsvergunningen / bestemmingsplannen) is dezelfde werkwijze aan de orde. Wel zijn we ook hierbij afhankelijk van de attendering / signalering van de gemeente richting de initiatiefnemer dat de activiteit (mogelijk) een effect heeft op beschermde natuur. Vanaf het moment dat de provincie bevoegd gezag is voor de Wnb (1 januari 2017) ervaren wij zowel bij gemeenten als onder de organisatoren van evenementen een groeiende bekendheid met deze verplichting. Van onze kant willen we via monitoring van ontheffingen (locaties, diersoorten, cumulatieve effecten) ook meer zicht krijgen op effecten van (ruimtelijke) ingrepen en activiteiten op de staat van instandhouding van beschermde dier- en plantensoorten.

4. Wordt er bij elke vergunning ook op toegezien dat de voorschriften i.r.t. de WNB worden nageleefd? En in hoeveel gevallen (%) zijn de voorschriften naderhand onvoldoende gebleken? Kunt u uw antwoord toelichten?

Antwoord. In het kader van de Wnb soortenbescherming vindt er bij grote evenementen actief en bij de overige evenementen risicogericht toezicht plaats. Daarnaast wordt er uiteraard toegezien wanneer er een klacht of een verzoek tot handhaving wordt ingediend. In meerdere gevallen van melding is er contact opgenomen met de organisator en heeft dit aan de voorkant van het evenement geleid tot aanpassingen, zodanig dat strijdigheid met de Wnb niet meer aan de orde was. Zoals in het antwoord op vraag 2 reeds gemeld is de provincie vanaf 1 januari 2017 bevoegd gezag voor de Wnb. De periode tot nu toe is te kort om in het kader van toezicht harde uitspraken over cijfers en trends te doen. Wel willen wij zelf actief bij de grote evenementen het overleg starten om te bepalen of natuurbelangen, die wij conform de Wnb geacht worden te dienen, aan de orde zijn.

5. Deelt het College de mening van de PvdD fractie dat een vroege voorlichting over de risico’s van het organiseren van een festival nabij natuurgebieden of nabij belangrijke rust- en verblijfsplaatsen van beschermde soorten waardevol is voor de natuur én voor de initiatiefnemer?

Antwoord. Ja, wij delen deze mening.

6. Hoe borgt het College dat gemeenten voldoende op de hoogte zijn van mogelijke effecten van festivals op (al dan niet beschermde) soorten en de daartoe opgestelde wet- en regelgeving?

Antwoord. In februari 2019 heeft SIRA Consulting in opdracht van de Provincie Limburg het rapport ‘Vermindering regeldruk evenementen Provincie Limburg’ opgesteld. Dit document is een verzameling van ervaringen die ervaringsdeskundigen hebben opgedaan bij het organiseren van evenementen. Nu de knelpunten verzameld en inzichtelijk zijn kan er vanuit de geconstateerde problematiek naar oplossingen toegewerkt worden. De verdere uitwerking van de oplossingen wordt momenteel ter hand genomen en zal in de komende maanden verder uitgerold worden.

Een van de onderdelen die na het verschijnen van het rapport vervolg zal krijgen is het zogenaamde ‘Innovation Lab’. Dit betreft een structureel overleg tussen direct betrokkenen (overheden en organisatoren) waarbij ervaringen en mogelijke oplossingen gedeeld kunnen worden. Het is goed te realiseren dat rond de organisatie van evenementen sprake is van een veelheid aan regels waaraan organisatoren moeten voldoen, zoals – naast natuurwaarden – eisen in het kader van veiligheid,geluid, hygiene en bereikbaarheid

Zowel in de verdere uitwerking van de aanpak ‘Vermindering regeldruk evenementen Provincie Limburg’ als ook de ‘Innovation Lab’s’ zal naast nut en noodzaak van opgestelde regels ook de invulling en borging van nuttige en noodzakelijke regels als één van de te behandelen thema’s meegenomen worden als aan te pakken verbeterpunt.

7. In het rapport staat onder 8.3.2 dat het veel gemeenten aan kennis van de Wet Natuurbescherming ontbreekt en de impact die dit heeft op evenementen en dat de provincie deze kennis kan ontsluiten door periodieke bijeenkomsten en een helpdeskfunctie inrichten voor de gemeentelijke evenementencoördinatoren.

Is het College bereid in het kader van deregulering festivals gericht beleid te maken om zowelgemeenten als initiatiefnemers van festivals, als bevoegd gezag van de WNB, te wijzen op een natuurwaardenonderzoek, een Quickscan (en mogelijk dure en tijdrovende aanvullende eisen als een ecologisch onderzoek en compenserende maatregelen) en de risico’s (kans op negatief advies in Natura2000 gebieden en bij verstoring van beschermde soorten)? Zo nee, waarom niet?

Antwoord. Ja. In lijn met de beantwoording van de vragen 4 en 6 zullen ook de onderwerpen uit vraag 7 in de verdere uitwerking van de aanpak ‘Vermindering regeldruk evenementen Provincie Limburg’ en de ‘Innovation Lab’s’ worden meegenomen worden als aan te pakken verbeterpunten. Daarnaast wordt er als naderde uitwerking van de beleidsregels passieve soortenbescherming een handreiking opgesteld voor gemeenten initiatiefnemers van ruimtelijke ingrepen/handelingen. In deze handreiking wordt tevenseen relatie gelegd met het rapport ‘Vermindering regeldruk evenementen Provincie Limburg’ en de beleidsontwikkeling die hier op volgt.