Schrif­te­lijke vragen Plusquin Vergeefse lobby Tour de France naar Limburg


Indiendatum: 6 jul. 2021

Geacht college,

Op vrijdag 2 juni jl. wordt bekend dat gouverneur Remkes een einde heeft gemaakt aan betalingen om de Tour de France naar Limburg te halen. Sinds 2013 werd er tot 2020 jaarlijks tot wel €35.000 betaald aan een oud-wielrenner om hiervoor bij de Tourorganisatie (hierna: ASO) te lobbyen. In totaal is er €320.650 inclusief BTW betaald aan de ASO. Hoewel deze betalingen inmiddels zijn stopgezet, leidt dit bij de Partij voor de Dieren-fractie tot de volgende vragen.

Vraag 1) De laatste keer dat een touretappe in Limburg finishte, was in 2006. Matthias Kessler won op de Cauberg. Hoelang heeft het college voor deze etappe bij de ASO gelobbyd? Hoeveel geld was hiermee gemoeid? Kan het college daarvan een overzicht van doen toekomen? Zo nee, waarom niet?

Vraag 2) Het NRC-artikel heeft het enkel over betalingen tussen 2013 en 2020. In de jaren na 2006 deed de Tour de France Limburg niet meer aan, hoewel ‘le Grand Départ’ in 2010 in Rotterdam plaatsvond en in 2012 in Luik. Heeft het college in de periode tussen 2006 en 2013 bij de ASO gelobbyd om de Tour de France naar Limburg te halen? Zo ja, kan het een overzicht doen toekomen van deze betalingen? Zo nee, waarom niet?

De laatste keer dat de Tour de France Nederland aandeed, was in juli 2015. Met de start in Utrecht en daaropvolgende etappe in Nederland heeft de ASO veel geld verdiend. Volgens de reglementen van de Koninklijke Nederlandsche Wielren Unie (hierna: KWNU) moet elke organisator van een wielerwedstrijd in Nederland een afdracht doen, ter ontwikkeling van de Nederlandse wielersport. De ASO weigerde echter aan deze afdrachtverplichting te voldoen, waardoor er zelfs een arbitragezaak met de KNWU volgde. Bij het organiseren van de Tour de France 2017 mijdt de ASO in december 2015 Nederlands grondgebied. De Tour start in Düsseldorf; van daaruit gaat het naar Luik maar dan gaat de Tour letterlijk met een bocht om Limburg heen.

Vraag 3) Vanaf juli 2015 tot en met oktober 2016 lagen de KNWU en ASO met elkaar overhoop. Door het conflict was de kans op een Touretappe in Limburg nagenoeg nihil. Is het college het met de Partij voor de Dieren-fractie eens dat de lobbyist op een nagenoeg onmogelijke opdracht gestuurd werd? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Vraag 4) Het bijleggen van het conflict tussen de KNWU en de ASO had de opdracht mogelijk kunnen helpen. Is de lobbyist er door het college op uit gestuurd om de ASO alsnog aan de afdrachtverplichting te voldoen? Zo nee, waarom niet?

Vraag 5) Ondanks de haast onmogelijke opdracht waaraan de lobbyist moest voldoen, was er veel belastinggeld met de Tourlobby gemoeid. Vindt het college het betalen van bedragen tot wel jaarlijks €35.000 in 2015 en 2016 gerechtvaardigd voor het uitvoeren van een nagenoeg onmogelijke opdracht? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet en gaat het college het geld terugvorderen van de lobbyist?

Vraag 6) Heeft het college overwogen om de opdracht en betalingen aan de lobbyist op te schorten, tot ná het conflict? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Ook nadat de ruzie tussen de KNWU en ASO in december 2016 werd bijgelegd, is de lobby voor een Touretappe in Limburg weinig vruchtbaar gebleken. Ook al startte de Tour de France in 2019 in Brussel; de Tour doet Limburg niet meer aan.

Vraag 7) In totaal is er in zeven jaar tijd ruim €300.000 betaald voor de Tourlobby, terwijl het collegeprogramma uit 2019 vooropstelt dat provinciegeld “zuinig en zinnig” besteed moet worden. Pas in 2021 wordt deze betaling door de nieuwe gouverneur Remkes stopgezet. Waarom worden deze betalingen pas na al die vruchteloze jaren stopgezet en niet eerder? Vindt het huidige college dat al het betaalde lobbygeld getuigt van “zuinig en zinnig” besteden van provinciegelden? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Gaarne beantwoording binnen de daarvoor geldende termijnen.

Hoogachtend,

Pascale Plusquin

Partij voor de Dieren

Bijlage

Verloop Tour de France 2017

Tour 2017

Indiendatum: 6 jul. 2021
Antwoorddatum: 8 sep. 2021

Vraag 1) De laatste keer dat een touretappe in Limburg finishte, was in 2006. Matthias Kessler won op de Cauberg. Hoelang heeft het college voor deze etappe bij de ASO gelobbyd? Hoeveel geld was hiermee gemoeid? Kan het college daarvan een overzicht van doen toekomen? Zo nee, waarom niet?

De lobby voor de verwerving van de Touretappe in 2006 is destijds uitgevoerd door gemeente Valkenburg aan de Geul; de Provincie had hier geen inhoudelijke en financiële betrokkenheid bij.

Vraag 2) Het NRC-artikel heeft het enkel over betalingen tussen 2013 en 2020. In de jaren na 2006 deed de Tour de France Limburg niet meer aan, hoewel ‘le Grand Départ’ in 2010 in Rotterdam plaatsvond en in 2012 in Luik. Heeft het college in de periode tussen 2006 en 2013 bij de ASO gelobbyd om de Tour de France naar Limburg te halen? Zo ja, kan het een overzicht doen toekomen van deze betalingen? Zo nee, waarom niet?

In de periode tussen 2006 en 2013 heeft geen lobby plaatsgevonden om de Tour de France naar Limburg te halen aangezien in die periode de focus was op de organisatie van het UCI WK Wielrennen 2012 op de weg in Limburg.

Vraag 3) Vanaf juli 2015 tot en met oktober 2016 lagen de KNWU en ASO met elkaar overhoop. Door het conflict was de kans op een Touretappe in Limburg nagenoeg nihil. Is het college het met de Partij voor de Dieren-fractie eens dat de lobbyist op een nagenoeg onmogelijke opdracht gestuurd werd? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Nee, in de periode dat het conflict tussen de KNWU en de ASO speelde vond in juli 2015 een lobbybezoek aan de Tour de France plaats. De ASO gaf in het gesprek weliswaar aan dat men verbaasd was een factuur van de KNWU te ontvangen voor het feit dat de Grand Départ van de Tour de France in Nederland plaatsvond. Hierbij werd niet aangegeven dat dit van invloed was op de provinciale kandidatuur. In het lobbygesprek werd door de portefeuillehouder sport aangegeven dat Limburg klaar is om de Tour te ontvangen als de ASO daar ook gereed voor is.

Vraag 4) Het bijleggen van het conflict tussen de KNWU en de ASO had de opdracht mogelijk kunnen helpen. Is de lobbyist er door het college op uit gestuurd om de ASO alsnog aan de afdrachtverplichting te voldoen?

De lobbyist heeft getracht een bemiddelende rol te vervullen tussen de ASO en de KNWU. Ook de portefeuillehouder sport is een gesprek met de KNWU aangegaan over het conflict, maar zowel de ASO als de KNWU bleven destijds bij hun standpunt en hebben de zaak toen voorgelegd aan de Court of Arbitration for Sport (CAS) te Lausanne. Op 5 januari 2016 heeft de portefeuillehouder sport nog een brief gestuurd aan de directie van de ASO in het kader van de provinciale lobby voor een finishetappe van de Tour de France. In dit schrijven is hij eveneens op het conflict tussen de ASO en de KNWU ingegaan en is aangegeven dat bij een Touretappe in Limburg de ASO geen fee hoeft te betalen aan de KNWU wanneer de Tour Limburg zal aandoen en Limburg klaar is om de Tour te ontvangen.

Vraag 5) Ondanks de haast onmogelijke opdracht waaraan de lobbyist moest voldoen, was er veel belastinggeld met de Tourlobby gemoeid. Vindt het college het betalen van bedragen tot wel jaarlijks €35.000 in 2015 en 2016 gerechtvaardigd voor het uitvoeren van een nagenoeg onmogelijke opdracht? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet en gaat het college het geld terugvorderen van de lobbyist?

Ja, op dat moment werd een dergelijke bijdrage gerechtvaardigd geacht. Het verwerven van een finishetappe van de Tour de France voor Limburg is een traject van lange adem.

Inmiddels zijn er 400 kandidaten (steden en regio’s) die jaarlijks proberen een start- en/of finish van de 21 etappes van de Tour de France te verwerven. Een lobbytraject van 10 jaar, alvorens het resultaat behaald wordt, is niet ongebruikelijk. Zoals blijkt uit de beantwoording van de vragen 3 en 4 is de provinciale lobby voor de verwerving van een finishetappe van de Tour de France in 2015 en 2016 in Limburg niet gestopt en zijn of worden geen gelden teruggevorderd.

Vraag 6) Heeft het college overwogen om de opdracht en betalingen aan de lobbyist op te schorten, tot ná het conflict? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Nee. Zoals in het antwoord op vraag 3 te lezen valt, heeft de ASO in een gesprek met de Provincie Limburg in juli 2015 aangegeven weliswaar verbaasd te zijn om een factuur van de KNWU te ontvangen voor het feit dat de Grand Départ van de Tour de France in Nederland plaatsvond. Hierbij werd niet aangegeven dat dit van invloed was op de provinciale kandidatuur. In het lobbygesprek werd door de portefeuillehouder sport aangegeven dat Limburg klaar is om de Tour te ontvangen als de ASO daar ook gereed voor is.

Vraag 7) In totaal is er in zeven jaar tijd ruim €300.000 betaald voor de Tourlobby, terwijl het collegeprogramma uit 2019 vooropstelt dat provinciegeld “zuinig en zinnig” besteed moet worden. Pas in 2021 wordt deze betaling door de nieuwe gouverneur Remkes stopgezet. Waarom worden deze betalingen pas na al die vruchteloze jaren stopgezet en niet eerder? Vindt het huidige college dat al het betaalde lobbygeld getuigt van “zuinig en zinnig” besteden van provinciegelden? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

In de periode tot en met 2020 is ingezet op de lobby om een finishetappe te verwerven en zijn de betalingen derhalve niet stopgezet. Een dergelijk lobby-traject heeft een lange adem en geeft geen zekerheid tot succes. De kans op een Limburgse touretappe zonder lobby, is echter klein.
Het budget voor het inhuren van de lobbyist werd in 2020 verlaagd van € 35.000,- naar € 25.000,- en de inhuur voor 2021 is inmiddels stopgezet.

Gedeputeerde staten van Limburg

voorzitter

secretaris