Schrif­te­lijke vragen over reken­ka­mer­rapport "Inzet oud-politici"


Indiendatum: 14 jul. 2020

Vraag 1) In startnotitie stond te onderzoeken periode nov 2012 tot augustus 2019. Waarom is uiteindelijk gekozen voor periode onderzoek mrt 2015 - okt 2019?

Vraag 2) Lijst van 56 dossiers is overhandigd door GS. Hoe weet ZRK dat 56 dossiers ook “alle dossiers” betreffen? Is dit puur op vertrouwen of is dit op de een of andere manier nagegaan?

Vraag 3) Naast deze inzet onderscheid de provincie nog de categorie “externe inhuur”. Vanuit de ambtelijke organisatie is aangegeven dat daarbij geen oud-politici zijn ingezet. Hierop heeft geen check plaatsgevonden door de rekenkamer. Is ZRK nagegaan hoe vaak en door wie in verleden een WOB verzoek is ingediend over inhuur "oud-politici"?

Vraag 4) Bestuurlijk rapport pagina 13. Citaat: "Het echte gesprek tussen GS en PS over integriteit is beperkt..."

Heeft ZRK kennisgenomen van de interne sessies integriteit voor Statenleden in de periode 2015 - 2019 waarin over het inhuren van oud-politici is gesproken en van gedachten is gewisseld? Zo ja, waarom niet vermeld in rapport en wat is uw opvatting over die bijeenkomsten? Zo neen, wilt u die verslagen opvragen en reactie geven?

Vraag 5) Citaat uit bestuurlijk rapport: "Bij alle door de rekenkamer........ uit netwerk van GS of de verantwoordelijke portefeuillehouder".

In rapportage komt 10 x het woordje netwerk voor. In de literatuur wordt o.a. vermeld voor netwerk

- Contacten leggen waar je je voordeel mee kunt doen. - Professioneel relaties onderhouden.

- Is een specifieke vorm van samenwerking tussen meerder sleutelpersonen/partijgenoten in onderliggende afhankelijkheid.

Welke definitie hanteert ZRK voor de vermelding van "netwerk"?

Vraag 6) Bestuurlijk rapport pagina 14 Citaat: "Tot 2017 werd aan PS nauwelijks inzicht gegeven in voordrachten en benoemingen".

a) Heeft ZRK kennisgenomen van vragen van toenmalig Statenlid Jos van Rey in 2015 en 2018 aan GS over inhuur CDA'ers Atsma en Verhagen?

b) Berust er op deze inhuur/opdrachten geheimhouding? Zo ja waarom niet vermeld? Zo neen, is ZRK bereid dit verder te onderzoeken en de handelswijze van GS tegen het licht te houden?

c) Heeft ZRK zich verdiept in de honorering die Atsma heeft ontvangen i.r.t. de geleverde prestaties? Zo ja, wat is het oordeel? Zo neen, is ZRK bereid om dat als nog te doen?

d) Is de ZRK van mening dat bij de twee opdrachtverleningen (2014 en 2015) door GS aan Atsma de geldende gedragscode bestuurlijke integriteit is overtreden? Kan de ZRK haar antwoord toelichten?

Vraag 7) Citaat uit bestuurlijk rapport: "De rekenkamer stelt vast dat PS vanaf 2015 met regelmaat aandacht gevraagd voor benoemingen .... opdrachten". Kan ZRK een opsomming geven van die momenten?

Vraag 8) Citaat uit bestuurlijk rapport:" De rekenkamer constateert dat deze reacties en houding vanuit GS/ CdK onvoldoende blijk geven van zelfreflectie of ontvankelijkheid voor signalen vanuit de samenleving dat de keuzes gevoelig liggen. Dit kan het vertrouwen van burgers schaden".
Waarom wordt door ZRK niet vermeld het verlies aan vertrouwen bij PS?
Is ZRK van mening dat coalitie belangen de boventoon voerden? Kan de ZRK haar antwoord toelichten?

Vraag 9) Omtrent rapport van bevindingen (pagina 23 en 27 Brains BV). Heeft ZRK onderzoek gedaan naar de besluitvorming in GS vergadering op 4 oktober 2011 inzake VZ voor RvC Brains? Zo ja, met welk resultaat en waarom niet vermeld in rapport?

Vraag 10) Omtrent rapport van bevindingen pagina 24, helft van de gevallen 1 -op-1 gegund.

a) Is ZRK nagegaan of er een stilzwijgende afspraak was tussen leden van GS over een "verdeling oud-politici” over enkele politieke partijen? Zo ja, met welk resultaat en waarom niet vermeld in rapport? Zo neen, is ZRK nog bereid nader onderzoek te doen?

b) Heeft ZRK nader uitgediept hoe 1 -op-1 in de praktijk werkte?

c) Is ZRK nagegaan welke GS leden nooit met meerdere kandidaten kwamen?

d) Is ZRK nagegaan welke GS leden besloten om af te wijken van de aanbestedingsregels bij gunning?

Vraag 11) Omtrent rapport van bevindingen pagina 25.
Is er in 2017 een bijeenkomst geweest waarin aan fractievoorzitters werd meegedeeld wie de nieuwe directeur zou worden van Ruimte voor Ruimte?
Zo ja, is er vooraf of achteraf opdracht dan wel goedkeuring verleend door alle Collegeleden om ambtelijk het voorstel voor de nieuwe directeur Ruimte voor Ruimte voor te bereiden?

Met andere woorden, werd aan de ambtelijke organisatie opdracht gegeven een GS voorstel voor te bereiden waarin het coalitiebesluit achteraf zou worden goedgekeurd?

Vraag 12) Omtrent Rapport van bevindingen pagina 26 Inzet ambassadeurs.
a) Is ZRK nagegaan of het correct is dat, nadat een statenlid het verslag van het jaarlijks evaluatiegesprek met een ambassadeur had opgevraagd, door GS is besloten af te zien van een schriftelijk verslag en jaarlijks een overleg met de verantwoordelijke portefeuillehouder te houden zonder vastlegging?
Zo ja, waarom niet vermeld in rapport en wat vindt ZRK van die handelswijze? Zo neen, is ZRK nog bereid nader onderzoek te doen?

In de enkele schriftelijke verslagen van Verhagen worden besprekingen/overleggen genoemd waaraan Verhagen deelneemt met nog 2 andere petten op.

b) Heeft ZRK een oordeel over de activiteiten van de heer Verhagen als ambassadeur i.r.t. zijn andere "bijbanen"?

c) Wat vindt ZRK van de enkele verslagen van de activiteiten door de heer Verhagen en voldoet die verslaglegging aan de normaal gestelde eisen?

d) Wat vindt ZRK van de hoogte van de vergoeding die de heer Verhagen kreeg?

Vraag 13)

a) Graag opsomming van de door ZRK geraadpleegde notulen en deelverslagen van relevante PS en commissievergaderingen?

b) Heeft ZRK er kennis van genomen dat er reeds in 2015 dossiers zijn opgevraagd door (leden van) PS
over ingehuurde (oud) politici?

c) Heeft ZRK kennis genomen van de kritiek in PS over het inhuren van oud-politici en dat die kritiek niet serieus werd genomen? Zo ja, waarom is ditniet vermeld in het rapport? Zo neen, is ZRK bereid om die notulen nog een keer te bestuderen?

Vraag 14) Omtrent rapport van bevindingen pagina 35 Bijlage 2 Lijst gesprekspartners.

a) Zijn alle PS-leden uit de betreffende periode bevraagd? Zo nee, waarom niet?

b) Waarom is met geen enkele "ingehuurde oud-politicus” gesproken?

c) Kan ZRK onderbouwen waarom gesproken is met de heer Frans Geraedts eigenaar, adviseur en trainer bij G&l (governance en integriteit)?

Indiendatum: 14 jul. 2020
Antwoorddatum: 21 aug. 2020

Vraag 1) In startnotitie stond te onderzoeken periode nov 2012 tot augustus 2019. Waarom is uiteindelijk gekozen voor periode onderzoek mrt 2015 - okt 2019?

Voor onderzoeksthema 1 (vragen over de kaders) betrof de onderzoeksperiode november 2012 tot augustus 2019. Dit hebben we ook in de uitvoering aangehouden en zijn daarbij soms zelfs verder terug in de tijd gegaan om de context en ontwikkelingen goed in beeld te krijgen. Zie ook de lijst met geraadpleegde documenten in bijlage 1 van het rapport van bevindingen (RvB) of beschrijving en tabel 1 uit paragraaf 3.1 van het bestuurlijk rapport.

Voor onderzoeksthema 2 (naleving kaders en feitelijk gedrag) was in de startnotitie de onderzoeksperiode 1 april 2013 tot augustus 2019 voorzien. Dit is tijdens de uitvoering, voor het dossieronderzoek aangepast omdat de provincie aangaf dat de informatieverzameling een zeer lastige en omvangrijke klus was die veel tijd en energie zou kosten. Om toch verder te kunnen met haar onderzoek heeft de rekenkamer besloten de informatievraag te beperken tot de besluiten tot inzet door GS in de periode 26 maart 2015 toten met 21 oktober 2019, omdat deze makkelijker te verzamelen zou zijn, en tegelijk voldoende breed voor het onderzoek.

Vraag 2) Lijst van 56 dossiers is overhandigd door GS. Hoe weet ZRK dat 56 dossiers ook “alle dossiers” betreffen? Is dit puur op vertrouwen of is dit op de een of andere manier nagegaan?

Desgevraagd hebben we van de provincie overzichten ontvangen met de externe inzet door GS4 in de periode 26 maart 2015 tot en met 21 oktober 2019. Dit betroffen 297 gevallen, waarbij door de provincie was aangegeven welke (oud-)politici betreffen. De rekenkamer heeft dit zelf nog gecontroleerd. Daaruit resulteerden 56 dossiers betreffende de inzet van (oud-)politici. (Zie ook RvB p. 22). De rekenkamer heeft niet gecontroleerd of de 297 gevallen inderdaad alle dossiers betreffen, en is hierbij inderdaad uitgegaan van vertrouwen.

Vraag 3) Naast deze inzet onderscheid de provincie nog de categorie “externe inhuur”. Vanuit de ambtelijke organisatie is aangegeven dat daarbij geen oud-politici zijn ingezet. Hierop heeft geen check plaatsgevonden door de rekenkamer. Is ZRK nagegaan hoe vaak en door wie in verleden een WOB verzoek is ingediend over inhuur "oud-politici"?

Nee, we zijn niet nagegaan hoe vaak en door wie er WOB-verzoeken zijn ingediend. Wel hebben we voor alle 56 dossiers bij de provincie alle voor het onderzoek relevante informatie opgevraagd. Dit omvatte óók de communicatie tussen NRC/De Limburger en de provincie over de inzet van oud-politici, waaronder de WOB- verzoeken van NRC/De Limburger daarover en antwoorden daarop van de provincie. Zie RvB bijlage 1 Geraadpleegde documenten: WOB-verzoek en antwoord maart, april, mei en juni 2019.

Vraag 4) Bestuurlijk rapport pagina 13. Citaat: "Het echte gesprek tussen GS en PS over integriteit is beperkt..."

Heeft ZRK kennisgenomen van de interne sessies integriteit voor Statenleden in de periode 2015 - 2019 waarin over het inhuren van oud-politici is gesproken en van gedachten is gewisseld? Zo ja, waarom niet vermeld in rapport en wat is uw opvattingover die bijeenkomsten? Zo neen, wilt u die verslagen opvragen en reactie geven?

Als u doelt op de Statencommissie Integriteit, is het antwoord bevestigend, ja. Op p. 31 van het rapport van bevindingen rapporteren we daarover: “Ook is sinds 2015, conform de Provinciewet, een Statencommissie Integriteit actief, waarvoor ook een externe adviseur Integriteit is aangesteld die tevens fungeert als vertrouwelijk meldpunt voor mogelijke integriteitsschendingen. (...) De vergaderingen van deze commissie zijn besloten en er worden vertrouwelijke verslagen van gemaakt.” De rekenkamer heeft deze vertrouwelijke verslagen mogen inzien. Vanwege het vertrouwelijke karakter is het niet mogelijk daar als rekenkamer in een openbaar rapport uit te citeren of een reactie op te geven. Daarnaast hebben we een gesprek gevoerd met de voorzitter van deze commissie en de externe adviseur Integriteit. De uitkomsten van dit gesprek zijn wel meegenomen in de bevindingen en daarop gebaseerde conclusies en aanbevelingen.

Op p. 30 van het rapport van bevindingen melden we verder: “Ook is er op ambtelijk en politiek-bestuurlijk niveau in onder andere introductieprogramma’s, trainingen en workshops aandacht gegeven aan (de uitgangspunten van) integriteit ter bevordering van het integriteitsbewustzijn." Daarnaast is de rekenkamer zich ervan bewust dat er in 2012 een meerjarig integriteitsprogramma voor PS is ontwikkeld en in uitvoering genomen, dat in dat kader informele bijeenkomsten hebben plaatsgevonden en er een werkgroep Bestuurlijke Integriteit is samengesteld vanuit PS. Deze informatie hebben we echter niet in het RvB opgenomen. Als u doelt op één van de in deze alinea genoemde bijeenkomsten, dan geldt dat we daarvan geen verslagen zijn tegengekomen/hebben aangetroffen.

Vraag 5) Citaat uit bestuurlijk rapport: "Bij alle door de rekenkamer........ uit netwerk van GS of de verantwoordelijke portefeuillehouder".

In rapportage komt 10x het woordje netwerk voor. In de literatuur wordt o.a. vermeld voor netwerk:

- Contacten leggen waar je je voordeel mee kunt doen. - Professioneel relaties onderhouden.

- Is een specifieke vorm van samenwerking tussen meerder sleutelpersonen/partijgenoten in onderliggende afhankelijkheid.

Welke definitie hanteert ZRK voor de vermelding van "netwerk"?

De door u als tweede genoemde definitie (professioneel relaties onderhouden) raakt het meest aan de omschrijving van een netwerk in deze context. De rekenkamer sluit daarmee aan bij de meer neutrale omschrijvingen van het begrip ‘netwerk’, zie bijvoorbeeld Vos en Schoemaker (1998): Netwerken kunnen omschreven worden als regelmatige communicatie tussen twee of meer deelnemers. Ze kunnen in vele vormen voorkomen, van informele relaties tussen een groep vrienden tot meer formele werkrelaties. Netwerken bestaan uit individuen die onderling verbonden zijn door communicatiestromen.

Vraag 6) Bestuurlijk rapport pagina 14 Citaat: "Tot 2017 werd aan PS nauwelijks inzicht gegeven in voordrachten en benoemingen".

a) Heeft ZRK kennisgenomen van vragen van toenmalig Statenlid Jos van Rey in 2015 en 2018 aan GS over inhuur CDA'ers Atsma en Verhagen?

Ja, de ZRK heeft kennisgenomen van vragen van toenmalig Statenlid Jos van Rey in 2015 en 2018 aan GS over inhuur CDA'ers Atsma en Verhagen (zie onderstaande tabel bij vraag 7).

b) Berust er op deze inhuur/opdrachten geheimhouding? Zo ja waarom niet vermeld? Zo neen, is ZRK bereid dit verder te onderzoeken en de handelswijze van GS tegen het licht te houden?

Op deze opdrachten berust geen geheimhouding meer. Op verzoek van GS hebben PS d.d. 15 februari 2019 besloten deze geheimhouding met toepassing van artikel 25, derde lid, van de Provinciewet op te heffen. Voor een nadere onderbouwing wordt verwezen naar Mededeling d.d. 12 februari 2019 (kenmerk 2019/11340). De bijbehorende documenten zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Voor de niet openbaar gemaakte info wordt in het kader van betreffend WOB-verzoek een onderbouwing gegeven in de GS-brief d.d. 12 februari 2019 (kenmerk 2019/11325) en 11 april 2019 (kenmerk 2019/29152). Informatie die niet openbaar is gemaakt, is in de documenten onleesbaar gemaakt (weggelakt). Dit betreft informatie die gezien de aard ervan niet openbaar gemaakt hoeft te worden aansluitend bij de weigeringsgronden uit de WOB. De ZRK heeft - na een verzoek daartoe - deze opdrachten ongelakt kunnen inzien en meegenomen in de eerste stap van het dossieronderzoek. In deze stap hebben we een aantal algemene kenmerken van alle 56 dossiers in kaart gebracht. In de tweede stap is een selectie van de dossiers diepgaander bestudeerd. Om privacy redenen zijn de dossiers anoniem opgenomen in onze rapportages, alleen de functies zijn genoemd. Eén van de genoemde dossiers maakte onderdeel uit van de diepgaander onderzochte dossiers.

c) Heeft ZRK zich verdiept in de honorering die Atsma heeft ontvangen i.r.t. de geleverde prestaties? Zo ja, wat is het oordeel? Zo neen, is ZRK bereid om dat als nog te doen?

Ja, de ZRK heeft inzicht verkregen in de honorering. Over de vergoedingen in algemene zin stellen we (p. 17/18 bestuurlijk rapport) dat in de 56 dossiers de (oud-)politici nooit een te hoge vergoeding hebben ontvangen: altijd binnen de norm van de provincie en vaak minder (of hooguit hetzelfde) dan de markt betaalt voor dit soort opdrachten. Dit geldt ook voor deze casus.

d) Is de ZRK van mening dat bij de twee opdrachtverleningen (2014 en 2015) door GS aan Atsma de geldende gedragscode bestuurlijke integriteit is overtreden? Kan de ZRK haar antwoord toelichten?

De ZRK kan hier geen uitspraak over doen, omdat we in onze aanpak ervoor hebben gekozen geen uitgebreide beoordeling op individueel casusniveau te doen op basis van - bijvoorbeeld - de gedragscode bestuurlijke integriteit. In de Gedragscode GS is onder andere opgenomen dat een bestuurder die familie- of anderszins persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van diensten aan de provincie, zich onthoudt van deelname aan de beraadslaging en de besluitvorming over de betreffende opdracht. En dat indien de onafhankelijke oordeelsvorming van een bestuurder over een bepaald onderwerp in het geding kan zijn, hij voor beraadslaging en besluitvorming aangeeft in hoeverre het onderwerp hem persoonlijk aangaat. Hiermee wordt ook de schijn van vooringenomenheid of belangenverstrengeling vermeden. Gezien de gevoeligheid van het onderwerp lijkt het de rekenkamer verstandig om in de toekomst ‘familie- of anderszins persoonlijke betrekkingen' zo ruim mogelijk op te vatten en hier voorafgaand aan beraadslaging en besluitvorming open over van gedachten te wisselen om zodoende als college van GS een besluit over te nemen hoe gehandeld dient te worden om (mogelijke) de schijn van vooringenomenheid of belangenverstrengeling te vermijden.

Vraag 7) Citaat uit bestuurlijk rapport: "De rekenkamer stelt vast dat PS vanaf 2015 met regelmaat aandacht gevraagd voor benoemingen .... opdrachten". Kan ZRK een opsomming geven van die momenten

Op basis van de informatie die de rekenkamer heeft ontvangen en zelf heeft verzameld tijdens het onderzoek, kan onderstaande tabel worden gegeneerd, met een opsomming van momenten waarop PS aandacht hebben gevraagd voor, dan wel hebben gegeven aan, benoemingen, voordrachten en/of opdrachten.

Schermafbeelding 2020 08 21 om 14 00 33

Schermafbeelding 2020 08 21 om 14 00 49


Vraag 8) Citaat uit bestuurlijk rapport:" De rekenkamer constateert dat deze reacties en houding vanuit GS/ CdK onvoldoende blijk geven van zelfreflectie of ontvankelijkheid voor signalen vanuit de samenleving dat de keuzes gevoelig liggen. Dit kan het vertrouwen van burgers schaden". Waarom wordt door ZRK niet vermeld het verlies aan vertrouwen bij PS? Is ZRK van mening dat coalitie belangen de boventoon voerden? Kan de ZRK haar antwoord toelichten?

De rekenkamer heeft er in de passage over het vertrouwen voor gekozen het perspectief van de burger te kiezen, mede naar aanleiding van de media-aandacht die er is geweest. Uiteraard kan dit ook betekenen een verlies aan vertrouwen bij PS. De ZRK kan geen uitspraak doen wat bij de gekozen wijze van reageren/communiceren de boventoon voerde. We zijn van mening dat het voor de toekomst en het vertrouwen belangrijk is dat als bepaalde gemaakte keuzes gevoelig zouden kunnen zijn voor burgers en/of politiek dat in de communicatie proactief meer blijk wordt gegeven dat men zich bewust is over de gevoeligheid van de gemaakte keuzes. Zie ook onze aanbeveling A8 aan GS op p. 16 van het bestuurlijk rapport.

Vraag 9) Omtrent rapport van bevindingen (pagina 23 en 27 Brains BV). Heeft ZRK onderzoek gedaan naar de besluitvorming in GS vergadering op 4 oktober 2011 inzake VZ voor RvC Brains? Zo ja, met welk resultaat en waarom niet vermeld in rapport?

Het onderzoek van ZRK richtte zich op de inzet van (oud-)politici in de periode 26 maart 2015 tot en met 21 oktober 2019, maar als deze inzet een herbenoeming of verlenging van een opdracht betrof, heeft de rekenkamer ook de ‘oorspronkelijke’ inzet bestudeerd welke dan van vóór 26 maart 2015 kan dateren (zie RvB p. 7). Dit was ook het geval bij de voorzitter voor de RvC Brains. Door de ZRK is daarom onderzocht hoe de heer Frissen in 2011 in beeld is gekomen. We hebben in dat kader antwoorden en een GS-nota van 6 december 2011 ontvangen, waarin wordt ingegaan op de voordracht van de voorzitter, met verwijzing naar de besluitvorming op 4 oktober 2011. Laatstgenoemde nota heeft de rekenkamer niet meer apart meegenomen in haar onderzoek, omdat de ontvangen antwoorden en de nota van 6 december 2011 voldeden voor de beantwoording van vragen. De resultaten van de benoeming in 2011 zijn in algemene zin onderdeel van de bevindingen voor alle onderzochte dossiers, zoals genoemd in paragraaf 3.3.1 tot en met 3.3.6.

Vraag 10) Omtrent rapport van bevindingen pagina 24, helft van de gevallen 1 -op-1 gegund.

a) Is ZRK nagegaan of er een stilzwijgende afspraak was tussen leden van GS over een "verdeling oud-politici” over enkele politieke partijen? Zo ja, met welk resultaat en waarom niet vermeld in rapport? Zo neen, is ZRK nog bereid nader onderzoek te doen?

De ZRK heeft in de ontvangen informatie niet kunnen vaststellen dat er een stilzwijgende afspraak was tussen leden van GS over een "verdeling oud-politici” over politieke partijen. Wel heeft de rekenkamer voor de 56 dossiers in beeld gebracht tot welke politieke partij de (oud-)politicus behoort. Daaruit blijkt, exclusief verlengingen, herbenoemingen en automatische ‘vervolgfunctie’, dat de ingezette (oud-)politici relatief vaak van het CDA zijn (ongeveer 40%), gevolgd door PvdA (bijna 30%), WD (ongeveer 15%), D66 (7%) en PVV, SP, GroenLinks en Partij Nieuw Limburg (elk 2%). Onderstaande tabel geeft de verdeling. De rekenkamer heeft geen oordeel willen geven over de wenselijkheid van deze verdeling. De ingezette oud-politici zijn relatief vaak van het CDA, maar in het verleden waren bestuurders en volksvertegenwoordigers ook relatief vaak van het CDA.

b) Heeft ZRK nader uitgediept hoe 1 -op-1 in de praktijk werkte?

Ja, dit wordt beschreven in paragraaf 3.3.3 en 3.3.4 van het rapport van bevindingen. De personen komen vrijwel altijd via het netwerk van GS of de betreffende portefeuillehouder in beeld, waarbij is gezocht naar wie past bij de voorziene rollen en/of taken. In gesprekken met de rekenkamer leggen GS vooral de nadruk op de geschiktheid van de gekozen kandidaten, en wordt niet uitgebreid gereflecteerd op de zoektocht naar andere kandidaten die geschikt hadden kunnen zijn. Ambtelijk is tegenover de rekenkamer gesteld dat suggesties van bestuurders soms nog te makkelijk gevolgd worden. In één geval hadden GS feitelijk al de keuze gemaakt op het moment dat het inkoopcentrum adviseerde om voor de opdracht 3 offertes op te vragen. Bij de geselecteerde casussen is in enkele gevallen geprobeerd om in bestuurlijk-ambtelijk samenspel tussen het cluster en de portefeuillehouder te kijken of er een kandidatenlijst kon worden opgesteld met meerdere namen. Dit heeft echter nauwelijks tot aanvullende namen geleid.

c) Is ZRK nagegaan welke GS leden nooit met meerdere kandidaten kwamen?

De ZRK is niet nagegaan welke GS-leden nooit met meerdere kandidaten kwamen.

d) Is ZRK nagegaan welke GS leden besloten om af te wijken van de aanbestedingsregels bij gunning?

De ZRK is niet nagegaan welke GS-leden besloten om af te wijken van de aanbestedingsregels bij gunning. Een besluit tot afwijken van de aanbestedingsregels is de bevoegdheid van het college van GS, niet van een afzonderlijk lid.

Vraag 11) Is er in 2017 een bijeenkomst geweest waarin aan fractievoorzitters werd meegedeeld wie de nieuwe directeur zou worden van Ruimte voor Ruimte?
Zo ja, is er vooraf of achteraf opdracht dan wel goedkeuring verleend door alle Collegeleden om ambtelijk het voorstel voor de nieuwe directeur Ruimte voor Ruimte voor te bereiden?

Met andere woorden, werd aan de ambtelijke organisatie opdracht gegeven een GS voorstel voor te bereiden waarin het coalitiebesluit achteraf zou worden goedgekeurd?

Via een brief Voortgang van de Ruimte voor Ruimte regeling d.d. 17-02-2017 zijn PS geïnformeerd over het feit dat de toenmalige directeur zijn werkzaamheden wilde beëindigen. Hierbij is ook het profiel voor de nieuwe directeur met PS gedeeld. Daarbij wordt niet gemeld of er al iemand voor deze functie in beeld is. De rekenkamer verwijst naar de griffie voor een antwoord op de vraag of er in 2017 een bijeenkomst voor fractievoorzitters heeft plaatsgevonden waarin de nieuwe directeur Ruimte voor Ruimte bekend is gemaakt. Dit is de rekenkamer niet bekend.

In 2017 hadden GS feitelijk al de keuze voor het voordragen van een persoon ter benoeming als directeur gemaakt op het moment dat het inkoopcentrum adviseerde om voor deze opdracht 3 offertes op te vragen. De onderbouwing voor het afwijken van de aanbestedingsregels is dan ook achteraf opgesteld en aan het directieteam gecommuniceerd.

Vraag 12) Omtrent Rapport van bevindingen pagina 26 Inzet ambassadeurs.
a) Is ZRK nagegaan of het correct is dat, nadat een statenlid het verslag van het jaarlijks evaluatiegesprek met een ambassadeur had opgevraagd, door GS is besloten af te zien van een schriftelijk verslag en jaarlijks een overleg met de verantwoordelijke portefeuillehouder te houden zonder vastlegging?
Zo ja, waarom niet vermeld in rapport en wat vindt ZRK van die handelswijze? Zo neen, is ZRK nog bereid nader onderzoek te doen?

De ZRK gaat ervan uit dat u hierbij doelt op het verzoek van een PS-lid in 2018. De ZRK beantwoordt deze vraag dan ook uitgaande van de casus van de ambassadeur waarop dat verzoek betrekking had.

De ZRK heeft de verslagen van werkzaamheden en evaluaties opgevraagd en bestudeerd. Daarbij heeft ze niet vastgesteld dat is afgezien van schriftelijke vastlegging van het evaluatiegesprek nadat zo’n verslag was opgevraagd door een PS-lid. De ZRK heeft vastgesteld dat voor deze ambassadeur tot 2016 geen schriftelijke vastlegging plaatsvond van de jaarlijkse evaluatie, maar wel twee keer per jaar een schriftelijk verslag van werkzaamheden werd opgesteld door de ambassadeur. In de evaluatie eind 2016 en vervolgens in de overeenkomst van opdracht in juli 2017 werd vastgelegd dat de tweejaarlijkse schrifteliike verantwoording over de voortgang wordt vervangen door een jaarlijkse mondelinge evaluatie met de portefeuillehouder waarvan een verslag wordt gemaakt, wat beter past bij functie. Dit is vanaf eind 2016 ook in de praktijk gebracht. Dus GS hebben niet afgezien van schriftelijke vastlegging. Op 13 april 2018 vraagt een PS-lid inzage in jaarlijkse rapportages. In onderstaande tabel worden de bevindingen van de ZRK op een rij gezet:

Schermafbeelding 2020 08 21 om 13 55 50

Schermafbeelding 2020 08 21 om 13 57 19

In de enkele schriftelijke verslagen van Verhagen worden besprekingen/overleggen genoemd waaraan Verhagen deelneemt met nog 2 andere petten op.

b) Heeft ZRK een oordeel over de activiteiten van de heer Verhagen als ambassadeur i.r.t. zijn andere "bijbanen"?

De ZRK heeft kennisgenomen van uitspraken van verschillende partijen over de activiteiten als ambassadeur in relatie tot andere functies die de heer Verhagen bekleedt. Daar de relatie met andere functies niet binnen de reikwijdte van ons onderzoek valt, hebben we deze relatie niet verder onderzocht en daarover dus ook geen oordeel gevormd.

c) Wat vindt ZRK van de enkele verslagen van de activiteiten door de heer Verhagen en voldoet die verslaglegging aan de normaal gestelde eisen?

De ZRK vindt dat de verslaglegging door de heer Verhagen over de werkzaamheden in 2013 - 2015 beknopt is, zich beperkt tot activiteiten (geen resultaten bevat) en soms ook activiteiten lijken te bevatten die behoren bij een andere functie die de heer Verhagen voor de provincie uitoefent (RvC Greenport Venlo). (Op p. 26 van het rapport van bevindingen geven we aan:) Voor sturen op prestaties en evaluaties is wat is vastgelegd in de opdrachtverleningsbrief/overeenkomst van belang. Bij de inzet van ambassadeurs was de wijze waarop dat was gedaan, volgens een gesprekspartner, ‘dun’; destijds is in de toenmalige context bewust gekozen voor een generieke rolomschrijving.

d) Wat vindt ZRK van de hoogte van de vergoeding die de heer Verhagen kreeg?

Over de vergoedingen in algemene zin stellen we (p. 17/18 bestuurlijk rapport) dat in de 56 dossiers de (oud)politici nooit een te hoge vergoeding hebben ontvangen: altijd binnen de norm van de provincie en vaak minder (of hooguit hetzelfde) dan de markt betaalt voor dit soort opdrachten. Dit geldt ook voor deze casus.

Vraag 13) a) Graag opsomming van de door ZRK geraadpleegde notulen en deelverslagen van relevante PS en commissievergaderingen?

De ZRK verwijst hiervoor naar de tabel bij het antwoord op vraag 7 PvdD, waarin de rekenkamer momenten opsomt waarop PS aandacht hebben gevraagd voor, dan wel gegeven hebben aan, benoemingen, voordrachten en/of opdrachten. De ZRK heeft in elk geval alle notulen en deelverslagen geraadpleegd van de PS- en commissievergaderingen die behoren bij deze momenten.

b) Heeft ZRK er kennis van genomen dat er reeds in 2015 dossiers zijn opgevraagd door (leden van) PS over ingehuurde (oud) politici?

Ja, de ZRK heeft ervan kennisgenomen dat er reeds in 2015 dossiers zijn opgevraagd door (leden van) PS over ingehuurde (oud-)politici. Zie ook antwoord op vraag 6a PvdD en het overzicht (tabel) zoals opgenomen bij het antwoord op vraag 7 PvdD.

c) Heeft ZRK kennis genomen van de kritiek in PS over het inhuren van oud-politici en dat die kritiek niet serieus werd genomen? Zo ja, waarom is ditniet vermeld in het rapport? Zo neen, is ZRK bereid om die notulen nog een keer te bestuderen?

Ja, de ZRK heeft kennisgenomen van de kritiek in PS over het inhuren van oud-politici en de opmerkingen vanuit PS die erop duiden dat deze kritiek niet serieus werd genomen. Op p. 29 van het rapport van bevindingen beschrijven we dit op hoofdlijnen.

Vraag 14) Omtrent rapport van bevindingen pagina 35 Bijlage 2 Lijst gesprekspartners.

a) Zijn alle PS-leden uit de betreffende periode bevraagd? Zo nee, waarom niet?

Nee, de ZRK heeft niet alle PS-leden uit de betreffende periode bevraagd. De ZRK zag daartoe geen aanleiding op grond van de bevindingen van het onderzoek De ZRK heeft ook niet alle GS-leden uit de betreffende periode bevraagd. Wel heeft het bestuur van de rekenkamer in een gezamenlijk interview gesproken met de GS-leden die portefeuillehouder waren/zijn voor de terreinen waarop de meeste dossiers betrekking hadden.

b) Waarom is met geen enkele "ingehuurde oud-politicus” gesproken?

De rekenkamer heeft geen ‘ingehuurde’ (oud-)politici gesproken, omdat we het onderzoek niet wilden richten op individuen, maar op de opzet en het functioneren van het systeem binnen de provinciale organisatie.

c) Kan ZRK onderbouwen waarom gesproken is met de heer Frans Geraedts eigenaar, adviseur en trainer bij G&l (governance en integriteit)?

Het onderzoek raakt aan het onderwerp integriteit. Om algemene kennis (achtergrondinformatie) op te doen over dit onderwerp, heeft de rekenkamer bij de aanvang van het onderzoek oriënterende gesprekken gevoerd met enkele landelijk opererende experts op het gebied van integriteit in het openbaar bestuur. Eén daarvan was de heer Geraedts.