Schrif­te­lijke vragen inzake RHD2 Virus bij konijnen


Geacht College,

Vandaag, 15 augustus 2016, is de jacht op het wilde konijn geopend. De laatste dagen is er in de media uitgebreid aandacht geweest voor de uitbraak van het VHD virus, ook wel RHD, variant 2 genoemd. Deze uitbraak heeft desastreuze gevolgen voor zowel de wilde konijnenpolulatie als de tamme konijnenpopulatie.

In de jaren ’90 is er een grote uitbraak geweest die naar schatting de helft van de wilde konijnen het leven kostte. Nog steeds zijn niet alle getroffen gebieden daarvan hersteld. De Universiteit van Utrecht waarschuwt dat kwetsbare populaties mogelijk onder een kritische ondergrens komen.

Wilde konijnen zijn belangrijk voor de Nederlandse natuur. Ze gaan verruiging van het landschap tegen en zijn een bron van voedsel voor roofdieren.

Bronnen:

http://www.uu.nl/nieuws/landelijke-sterfte-onder-konijnen-als-gevolg-van-vhd-viral-hemorrhagic-disease

https://www.nrc.nl/nieuws/2016/08/14/shakira-en-coinin-blijven-in-hun-hok-3746578-a1516236

Bovenstaande berichtgeving leidt tot de volgende vragen aan het College van Gedeputeerde Staten:

1. Bent u bekend met bovenstaande berichten?

2. Onderschrijft u de waarschuwing van de Universiteit Utrecht dat kwetsbare konijnenpopulaties onder een kritische ondergrens kunnen komen?

3. Onderschrijft u het belang van wilde konijnen voor de natuur in Nederland, nog los van de intrinsieke waarde van het dier?

4. Deelt u de mening van de Partij voor de Dieren dat de jacht op konijnen, die per vandaag is geopend, niet wenselijk is indien de populatie door deze virusziekte wordt bedreigd?

5. Bent u bereid de jacht op wilde konijnen per direct op te schorten omdat de populatie bedreigd wordt? Zo nee, waarom niet?

6. Bent u bereid om voor het opschorten van de jacht op konijnen de Minister van Economische Zaken te vragen, gezien de acute situatie op zo kort mogelijke termijn, om gebruik te maken van zijn bevoegdheid op grond van artikel 53 lid 2 Flora- en faunawet om de jacht te verbieden indien dit noodzakelijk is in verband met de instandhouding van wild? Zo nee, waarom niet?

7. Kunt u uitsluiten dat deze zeer besmettelijke ziekte ook via de jagers verspreid wordt?

8. Kunt u aangeven waarom Universiteit Utrecht nog geen populatie / sterfte cijfers heeft gekregen van de wilde konijnen in Zuid-Limburg?

Graag beantwoording van deze vragen binnen de daarvoor gestelde termijn, en liefst nog eerder gezien de urgentie en de gevolgen voor de konijnenpopulatie.

Namens de Partij voor de Dierenfractie,

Met vriendelijke groet,

Pascale Plusquin

Antwoorddatum: 6 sep. 2016

Vraag 1.
Bent u bekend met bovenstaande berichten?

Antwoord.
Wij hebben kennis genomen van de berichten over de landelijke sterfte onder konijn als gevolg van het RHD-2-virus dat de ziekte VHD (Viral Hemorrhagic Disease) veroorzaakt via een uitzending van Vroege Vogels op 12 augustus jongstleden en de recente berichtgeving hierover op de website van de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en de website van het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC).

Vraag 2.
Onderschrijft u de waarschuwing van de Universiteit Utrecht dat kwetsbare konijnenpopulaties onder een kritische ondergrens kunnen komen?

Antwoord.
Deze waarschuwing onderschrijven wij. Uit de eerdere uitbraak in de jaren ’90 is gebleken dat de ziekte grote sterfte onder konijnenpopulaties kan veroorzaken, maar dat de ziekte niet in staat is om alle dieren uit te roeien. Bij een lage dichtheid van konijnen kon het virus zich niet meer verspreiden, waardoor de
epidemie uitdoofde en konijnenpopulaties zich konden gaan herstellen. Er zijn aanwijzingen dat de schade die konijnenpopulaties ondervinden van RHD2 (de nieuwe variant) beperkter is dan de voorgaande variant (RHD1). Het sterftepercentage bij RHD1 bedraagt in de regel >80%. Het sterftecijfer bij RHD2 ligt in de regel lager, op 5-70%. Onze verwachting is dat de ziekte VHD weliswaar een grote sterfte onder konijnen zal kunnen veroorzaken, maar dat deze niet dezelfde orde van grootte zal hebben als bij de uitbraak in de jaren ’90. Omdat de sterfte minder groot zal zijn is er een kleine kans is dat de konijnenstand provinciaal onder een kritisch minimum zal dalen. Het valt echter niet uit te sluiten dat er lokaal sprake zal zijn van het decimeren van konijnenpopulaties en dat plaatselijk populaties zullen verdwijnen. Door de Zoogdiervereniging zijn na de terugval in de jaren ’90 op enkele plekken in Nederland konijnen bijgezet om het herstel te bespoedigen.
VHD heeft tot eind jaren negentig ook in Limburg geleid tot een sterke daling van de konijnenstand. Vanaf 2003 heeft zich een herstel ingezet en in 2010 bevond de konijnenstand zich weer op een redelijk niveau. In Limburg is sinds 1997 sprake van een sterke toename. Deze is sterker dan de toename in de rest van Nederland, waar sprake is van een matige toename. Wat opvalt in de trendcijfers is dat er van 2014 op 2015 sprake lijkt van een trendbreuk. Op de schaal van Nederland werd een afname van ruim 20% vastgesteld. In Limburg werd in dezelfde periode een afname vastgesteld van 50% (gegevens Zoogdiervereniging). Mogelijk wordt deze neerwaartse trend veroorzaakt door de ziekte VHD.

Vraag 3.
Onderschrijft u het belang van wilde konijnen voor de natuur in Nederland, nog los van de intrinsieke waarde van het dier?


Antwoord.

Ja, konijnen spelen een belangrijke rol in het creëren van microreliëf in pionier- en heideachtige vegetaties en dragen door hun graafactiviteiten en graasgedrag bij aan het ontstaan van een gevarieerde en rijke vegetatie in kwetsbare en bedreigde habitattypen doordat ze verruiging tegen gaan. Ook andere diersoorten, zoals de zandhagedis, profiteren van het graafwerk van konijnen. Daarnaast is het konijn
een belangrijk prooidier voor veel roofdiersoorten, bijvoorbeeld voor de oehoe.

Vraag 4.
Deelt u de mening van de Partij voor de Dieren dat de jacht op konijnen, die per vandaag is geopend, niet wenselijk is indien de populatie door deze virusziekte wordt bedreigd?


Antwoord.

De jacht op het konijn is per 15 augustus geopend. Deze is niet geopend in N2000-gebieden. Er zijn nu geen aanwijzingen dat het konijn momenteel bedreigd wordt of dat de populatie speciaal gevaar loopt

Ervaringen met een eerdere agressievere variant van het RHD-virus zijn dat de populatie van de soort met de opening van de jacht niet volledig verdween.
Jagers dragen zelf de verantwoordelijk voor de redelijke wildstand in hun jachtveld. Deze verantwoordelijkheid neemt met zich mee dat zij terughoudend zijn bij het bejagen van dierpopulaties die kwetsbaar zijn.

Vraag 5.
Bent u bereid de jacht op wilde konijnen per direct op te schorten omdat de populatie bedreigd wordt? Zo nee, waarom niet?


Antwoord.

Het opschorten van de jacht, om andere redenen dan bijzondere weersomstandigheden, behoort niet tot de bevoegdheden van de provincie.

Vraag 6.
Bent u bereid om voor het opschorten van de jacht op konijnen de Minister van Economische Zaken te vragen, gezien de acute situatie op zo kort mogelijke termijn, om gebruik te maken van zijn bevoegdheid op grond van artikel 53 lid 2 Flora- en faunawet om de jacht te verbieden indien dit noodzakelijk is in verband met de instandhouding van wild? Zo nee, waarom niet?


Antwoord.

Nee, zoals bij de beantwoording van vraag 4 is toegelicht is er geen reden om te veronderstellen dat de populatie konijnen door jacht in gevaar komt. Om de vinger aan de pols te houden vragen wij de Faunabeheereenheid de ontwikkeling van konijnenpopulaties te monitoren.

Vraag 7.
Kunt u uitsluiten dat deze zeer besmettelijke ziekte ook via de jagers verspreid wordt?


Antwoord.

Nee, dit is niet uit te sluiten. Evenmin kan worden uitgesloten dat de ziekte wordt verspreid door andere activiteiten, zoals wandelen.

Vraag 8.
Kunt u aangeven waarom Universiteit Utrecht nog geen populatie / sterfte cijfers heeft gekregen van de wilde konijnen in Zuid-Limburg?


Antwoord.

De ziekte is sinds 2015 aangetoond in Nederland. Er zijn 31 positieve gevallen vastgesteld door het DWHC. De Universiteit Utrecht gaat er nu op basis van de kleine steekproef vanuit dat de ziekte voorkomt in heel Nederland, voor zover daar konijnen voorkomen in hun natuurlijke verspreidingsgebied, dus ook in Zuid-Limburg. Er is door het DWHC geen oproep gedaan om konijnen in te zenden.

Door de Faunabeheereenheid Limburg is inmiddels een oproep gedaan om gevonden konijnen in te zenden naar het DWHC.


Gedeputeerde Staten van Limburg