Inti­mi­datie trans­gen­derstel met verhuizing tot gevolg.


Geacht College,

Lokale en landelijke media berichten over aanhoudende intimidatie en mishandeling van een transgenderstel in Heerlen met verhuizing tot gevolg.

In november 2017 is de motie Regenboogprovincie met een grote meerderheid aangenomen. De provincie trok 300.000 euro uit ter bevordering van acceptatie en sociale veiligheid van LHBTIQA+.

Dat leidt tot de volgende vragen van de PvdD fractie:

1. Heeft het College kennis genomen van het gedwongen vertrek van het transgenderstel uit Heerlen? Zo ja, wat is de reactie van het College op het feit dat er twee (Lim)burgers hun woning moeten verlaten omdat ze de aanhoudende intimidatie op basis van hun seksuele geaardheid niet meer aankunnen?

2. Waarnemend burgemeester Roemer geeft aan alles gedaan te hebben om de oorzaak aan te pakken. Deelt het College van GS de mening van burgemeester Roemer dat er alles aan gedaan is om de oorzaak aan te pakken van het aanhoudende geweld tegen het transgenderstel? Zo nee, waarom niet?

Zo ja, is de veiligheid van LHBTIQA+ in Limburg dan nog te borgen, en hoe dan?

3. Op Social Media zijn berichten (dd 01-08-2019) te zien van andere LHBTIQA+ die uitgescholden worden, van ouders van LHBTQA+ kinderen die zich zorgen maken over de veiligheid in het gebied Auroraflat / Maankwartier. Eea blijkt ook uit een artikel van de Telegraaf.

Zie bijlage, namen zijn om veiligheidsredenen weggelaten maar bekend bij de PvdD fractie.

Deelt het College de mening van de PvdD fractie dat het probleem niet opgelost is met een verhuizing omdat ook andere LHBTIQA+ personen tegen dezelfde treiterbende aan kunnen lopen? Zo ja, welke mogelijkheden ziet het College om de veiligheid van LHBTIQA+ te borgen?

4. Heeft het College kennis genomen van het bericht: Maandenlange strijd Swolgen loopt uit de hand: Homohaat of ‘gewoon’ burenruzie? Is het College bereid om met de Limburgse gemeenten in gesprek te gaan om problemen en de grootste risico’s omtrent de veiligheid van LHBTIQA+ te inventariseren en tot een gezamelijke aanpak te komen voor gemeenten, woningcorporaties en onderwijs? Zo nee, waarom niet?

5. In diverse mediaberichten wordt ook diverse malen melding gemaakt van de rol van de wijkagent. Heeft het College in beeld hoeveel meldingen er jaarlijks in Limburg binnenkomen via de politie en LHBTIQA+ belangenorganisaties? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kunt u de cijfers bij de beantwoording voegen? Is er zicht op of alle LHBTIQA+ gerelateerde meldingen ook als zodanig worden gemeld?

6. De Provincie heeft in 2017 300.000 euro vrijgemaaktvoor de bevordering van LHBTIQA+ acceptatie, emancipatie en veiligheid. Hoe is dit geld besteed? Hoeveel geld is er naar veiligheid en emancipatie van de doelgroep gegaan?

7. Is het College van mening dat het vrijgemaakte budget van 300.000 euro voldoende heeft geleid tot veiligheid en emancipatie van LHBTIQA+? Zo nee, heeft het College nieuwe middelen toegekend om de veiligheid en emancipatie van LHBTIQA+ in Limburg te verbereren? Kunt u uw antwoord toelichten?

8. Transgenders behoren tot een zeer kwetsbare groep en hebben te maken met uitsluiting. Zijn er cijfers bekend over discriminatie en de kansen op de arbeidsmarkt voor transgenders in Limburg? Is er zicht op de diversiteit bij de Provincie als werkgever in relatie tot transgenders?

9. In Limburg ligt het grootste LHBTIQA+ asielzoekerscentrum van Nederland. Heeft het College inzage in cijfers inzake de veiligheid en de emancipatie van de bewoners van dit AZC? Deelt u de mening van de PvdD fractie dat de LHBTIQA+ inwoners van AZC’s in Limburg ook onderdeel zijn van Limburg Regenboogprovincie? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze wordt daar invulling aan gegeven en zijn College en belangenorganisaties van mening dat de invulling voldoende is?

10. Deelt u de mening van de PvdD fractie dat het in Limburg (en ook daarbuiten) nooit zo mag zijn dat (Lim)burgers vanwege hun geaardheid hun woning moeten verlaten terwijl de daders ongehinderd verder kunnen gaan? Zo ja, bent u bereid om bij het Rijk aan te dringen op meer bevoegdheden voor de politie inzake LHBTIQA+ gerelateerde intimidatie en misdrijven? Zo nee, waarom niet?

11. “Hoe religieuzer iemand is, hoe groter de kans is dat hij of zij LHBTI’s niet accepteert. Ook bestaat er veel weerstand bij biculturele Nederlanders. Zo geeft de helft van de Turkse en Marokkaanse Nederlanders aan homoseksualiteit verkeerd te vinden. De overheid wil dit veranderen. Dit gebeurt onder meer door de inzet van rolmodellen en het verspreiden van ervaringsverhalen”, aldus de website van de Rijksoverheid. (voetnoot 4) Ziet het College een rol in de Sociale Agenda om ook de acceptatie bij biculturele Nederlanders te bevorderen via de Maatschappelijke Organisaties? Zo nee, waarom niet?

Graag beantwoording van de vragen binnen de daarvoor geldende termijn,

Met vriendelijke groet,

Pascale Plusquin

Partij voor de Dieren

Vraag 1) Heeft het College kennis genomen van het gedwongen vertrek van het transgenderstel uit Heerlen? Zo ja, wat is de reactie van het College op het feit dat er twee (Lim)burgers hun woning moeten verlaten omdat ze de aanhoudende intimidatie op basis van hun seksuele geaardheid niet meer aankunnen?

Antwoord: Ja. Wij betreuren dat dit zover is gekomen en dat alle door de betrokken instanties ingezette acties, de verhuizing van deze mensen niet hadden kunnen voorkomen.

Vraag 2) Waarnemend burgemeester Roemer geeft aan alles gedaan te hebben om de oorzaak aan te pakken. Deelt het College van GS de mening van burgemeester Roemer dat er alles aan gedaan is om de oorzaak aan te pakken van het aanhoudende geweld tegen het transgenderstel? Zo nee, waarom niet?

Zo ja, is de veiligheid van LHBTIQA+ in Limburg dan nog te borgen, en hoe dan?

Antwoord: Wij zijn op de hoogte gebracht van het feit dat de gemeente in samenwerking met woningcorporatie enandere instanties waaronder Anti Discriminatie Voorziening Limburg (ADV Limburg), alle interventiemogelijkheden die denkbaar zijn, heeft ingezet. Echter heeft dit niet kunnen voorkomen dat deze mensenhun woning hebben moeten verlaten.

Zie verder het antwoord op vraag 3.

Vraag 3) Op Social Media zijn berichten (dd 01-08-2019) te zien van andere LHBTIQA+ die uitgescholden worden, van ouders van LHBTQA+ kinderen die zich zorgen maken over de veiligheid in het gebied Auroraflat / Maankwartier. Eea blijkt ook uit een artikel van de Telegraaf.

Zie bijlage, namen zijn om veiligheidsredenen weggelaten maar bekend bij de PvdD fractie.

Deelt het College de mening van de PvdD fractie dat het probleem niet opgelost is met een verhuizing omdat ook andere LHBTIQA+ personen tegen dezelfde treiterbende aan kunnen lopen? Zo ja, welke mogelijkheden ziet het College om de veiligheid van LHBTIQA+ te borgen?

Antwoord: Ja, wij delen deze mening. In het kader van het nog te ontwikkelen beleid op het terrein van (sociale)veiligheid zullen wij de komende periode met de verschillende partners in gesprek gaan om desamenwerking in de veiligheidsketen te verbeteren, waarbij het zo mogelijk borgen van veiligheid vooralle Limburgers, inclusief LHBTIQA+ personen, meegenomen zal worden.

Vraag 4) Heeft het College kennis genomen van het bericht: Maandenlange strijd Swolgen loopt uit de hand: Homohaat of ‘gewoon’ burenruzie? Is het College bereid om met de Limburgse gemeenten in gesprek te gaan om problemen en de grootste risico’s omtrent de veiligheid van LHBTIQA+ te inventariseren en tot een gezamelijke aanpak te komen voor gemeenten, woningcorporaties en onderwijs? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: In het kader van de uitwerking van het Actieplan Veiligheid zullen wij met o.a. de gemeenten encorporaties in gesprek gaan over de problemen en risico’s die zij ervaren en over de wijze waarop wegezamenlijk de samenwerking op het gebied van (sociale) veiligheid kunnen verbeteren.

Vraag 5) In diverse mediaberichten wordt ook diverse malen melding gemaakt van de rol van de wijkagent. Heeft het College in beeld hoeveel meldingen er jaarlijks in Limburg binnenkomen via de politie en LHBTIQA+ belangenorganisaties? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kunt u de cijfers bij de beantwoording voegen? Is er zicht op of alle LHBTIQA+ gerelateerde meldingen ook als zodanig worden gemeld?

Antwoord: ADV Limburg heeft ons vanuit zijn wettelijke verplichting tot de registraties van de meldingen vandiscriminatie, de volgende aantallen meldingen t.a.v. seksuele gerichtheid, transgender en intersexedoorgegeven:

  • − het jaar 2017: 17 meldingen bij ADV en 44 bij de politie;

  • − het jaar 2018: 16 meldingen bij ADV en 38 bij de politie; en

  • − in de eerste helft van 2019 zijn door ADV 18 meldingen geregistreerd.

Vraag 6) De Provincie heeft in 2017 300.000 euro vrijgemaaktvoor de bevordering van LHBTIQA+ acceptatie, emancipatie en veiligheid. Hoe is dit geld besteed? Hoeveel geld is er naar veiligheid en emancipatie van de doelgroep gegaan?

Antwoord: Het aantrekken en behouden van arbeidspotentieel met aandacht voor sociale veiligheid maaktonderdeel van een aantal initiatieven, dat in het kader van deze motie is ontstaan. Daarnaast hebben wijvanuit het programma “Zo werkt Limburg” het project “Naar de inclusieve werkvloer” van ADV Limburgondersteund. Het project is gericht op het creëren van een inclusieve organisatiecultuur bij het MKBLimburg, dat de (sociale)veiligheid borgt met als gevolg een duurzame arbeidsrelatie.
Verder verwijzen wij u kortheidshalve naar de beantwoording van de schriftelijke vragen van de heerRossel (GS brief van 7 juni 2019 kenmerk: 2019/40126), waarin wij op alle acties c.q. project zijningegaan. Over het resterende budget nemen wij nog een besluit.

Vraag 7) Is het College van mening dat het vrijgemaakte budget van 300.000 euro voldoende heeft geleid tot veiligheid en emancipatie van LHBTIQA+? Zo nee, heeft het College nieuwe middelen toegekend om de veiligheid en emancipatie van LHBTIQA+ in Limburg te verbereren? Kunt u uw antwoord toelichten?

Antwoord: Door alle in het kader van de uitvoering van de Motie Limburg Regenboogprovincie, geïnitieerdeprojecten en ingezette acties, hebben wij een belangrijke impuls gegeven aan het bevorderen vanemancipatie, acceptatie en (sociale)veiligheid van LHBTIQA+. Onze partners hebben wij in staat gesteldom met dit thema verder aan de slag te gaan. Onze inzet wordt verder voortgezet vanuit verschillendebeleidslijnen behorende bij het huidige Collegeprogramma: de Sociale Agenda Limburg, KaderMaatschappelijke Organisaties en op het terrein van (sociale)veiligheid.

Vraag 8) Transgenders behoren tot een zeer kwetsbare groep en hebben te maken met uitsluiting. Zijn er cijfers bekend over discriminatie en de kansen op de arbeidsmarkt voor transgenders in Limburg? Is er zicht op de diversiteit bij de Provincie als werkgever in relatie tot transgenders?

Antwoord: Er zijn geen specifieke cijfers voor handen over de discriminatie en de kansen op de arbeidsmarkt voortransgenders in Limburg.
Als goed werkgever, hebben we te maken met werving en selectie, en met ontwikkeling en beloning vanpersoneel. Uitgangspunt hier is ‘de juiste persoon de juiste plek’ om het gewenste (maatschappelijke)resultaat te kunnen behalen. Hierbij maken we geen onderscheid op basis van leeftijd, gender, seksueleoriëntatie, culturele, etnische, politieke of religieuze achtergrond of arbeidsbeperking.
Om cijfermatig gezien zicht te krijgen op transgenders binnen onze organisatie zouden we dezepersoonsgegevens moeten vastleggen. Dat doen wij niet. We houden ons strikt aan de gegevens volgenspaspoort, zoals ook volgens de wetgever van ons gevraagd wordt.

Vraag 9) In Limburg ligt het grootste LHBTIQA+ asielzoekerscentrum van Nederland. Heeft het College inzage in cijfers inzake de veiligheid en de emancipatie van de bewoners van dit AZC? Deelt u de mening van de PvdD fractie dat de LHBTIQA+ inwoners van AZC’s in Limburg ook onderdeel zijn van Limburg Regenboogprovincie? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze wordt daar invulling aan gegeven en zijn College en belangenorganisaties van mening dat de invulling voldoende is?

Antwoord: Iedereen die in Limburg woont, is onderdeel van Limburg. De emancipatie en veiligheid van allebewoners van AZC’s valt onder de verantwoordelijkheid van het Rijk en het COA. Vanuit het COA wordtextra aandacht besteed aan de veiligheid van de inwoners die tot desbetreffende doelgroep behoren. InLimburg worden deze mensen opgevangen in het asielzoekerscentrum in Echt om op deze manier demogelijkheden tot acceptatie en emancipatie evenals de veiligheid efficiënter te kunnen oppakken. Dezeaanpak vanuit het COA creëert voor COC Limburg meer kansen om de specifiek voor deze doelgroepontwikkelde (voorlichtings)activiteiten met bepaalde regelmaat op één locatie te kunnen uitvoeren.

Vraag 10: Deelt u de mening van de PvdD fractie dat het in Limburg (en ook daarbuiten) nooit zo mag zijn dat (Lim)burgers vanwege hun geaardheid hun woning moeten verlaten terwijl de daders ongehinderd verder kunnen gaan? Zo ja, bent u bereid om bij het Rijk aan te dringen op meer bevoegdheden voor de politie inzake LHBTIQA+ gerelateerde intimidatie en misdrijven? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Wij zijn van mening dat niemand vanwege hun geaardheid de woning zou moeten verlaten.
Wij, als ook de Commissaris van de Koning als rijksorgaan, zien geen aanleiding om bij het Rijk aan tedringen op meer bevoegdheden voor de politie inzake LHBTIQA+ intimidatie en misdrijven. De Grondweten het Wetboek van Strafrecht bevatten reeds bepalingen die onder andere discriminatie en haat zaaienstrafbaar stellen. In het Regeerakkoord heeft het Kabinet het voornemen opgenomen om artikel 1 van deGrondwet aan te vullen, onder toevoeging van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid en eenbeperking. Verder heeft het Kabinet in het Actieplan Veiligheid LHBTI 2019-2022 vermeld welkemaatregelen zij reeds heeft genomen – en de komende jaren nog zal nemen – om de veiligheid tebevorderen van lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuele personen, transgender personenen intersekse personen (LHBTI). Deze maatregelen richten zich met name op de strafrechtelijke aanpakvan discriminatie (ministerie van Justitie en Veiligheid) alsmede het bevorderen van het gevoel vanfysieke veiligheid bij de doelgroep (ingebed in een geheel van maatregelen die zien op de socialeveiligheid).

Vraag 11) “Hoe religieuzer iemand is, hoe groter de kans is dat hij of zij LHBTI’s niet accepteert. Ook bestaat er veel weerstand bij biculturele Nederlanders. Zo geeft de helft van de Turkse en Marokkaanse Nederlanders aan homoseksualiteit verkeerd te vinden. De overheid wil dit veranderen. Dit gebeurt onder meer door de inzet van rolmodellen en het verspreiden van ervaringsverhalen”, aldus de website van de Rijksoverheid. (voetnoot 4) Ziet het College een rol in de Sociale Agenda om ook de acceptatie bij biculturele Nederlanders te bevorderen via de Maatschappelijke Organisaties? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Het uitgangspunt van de Sociale Agenda geformuleerd in het huidige Collegeprogramma is:
“Wij staan voor een inclusieve, open en participatieve samenleving. We beschermen de beginselen vanonze rechtsstaat en de mensenrechten. Iedereen in Limburg, van elke levens- of geloofsovertuiging,politieke gezindheid, geaardheid, afkomst, sekse en genderoriëntatie, heeft het recht om te zijn wie hij ofzij is en om te geloven wat hij of zij gelooft. Verschillen tussen mensen mogen geen belemmering zijnvoor deelname aan de samenleving, maar kunnen een meerwaarde hebben...”
De Maatschappelijke Organisaties zullen wij in staat stellen om concrete activiteiten te ontplooien en uitte voeren die aansluiten bij het bovenstaande uitgangspunt. Een aantal (specifieke)maatschappelijkeorganisaties levert vanuit haar eigen werkveld bijdrage aan de acceptatie van en tolerantie t.a.v. dezedoelgroep. Deze organisaties stimuleren wij om dit verder aan te pakken en te implementeren in huneigen programmering c.q. activiteiten door o.a. standaard op te nemen in onze jaarlijkse(voortgangs)gesprekken met hen. Zo hebben ook dit jaar het Provinciaal Platform voor Diversiteit en deStichting Meer Kleur en Kwaliteit in samenwerking met de Politie de Iftar bijeenkomsten georganiseerd,waarbij wij hebben gevraagd om de acceptatie en tolerantie LHBTIQA+ tijdens deze bijeenkomsten tebespreken.

Gedeputeerde Staten van Limburg

voorzitter