3e Gewij­zigde Motie Rol duiding ook bij VTH-taken


19 juni 2020
Provinciale Staten van Limburg, in vergadering bijeen op 19 juni 2020,

Kennis genomen hebbend van het rapport van de Zuidelijke Rekenkamer (ZRK) inzake fabriekscomplex Meerssen,

Constaterende dat:

  • Er bij het fabriekscomplex vanaf 2012 gebreken geconstateerd waren in de naleving van het Bouwbesluit, zonder dat terzake is opgetreden dan wel een expliciete gedoogstrategie is geformuleerd conform de geldende VTH-beleidskaders;

  • In de situatie dat de provincie een zakelijk belang in de onderneming had verworven het mandaat voor de VTH-besluitvorming in 2017 is teruggenomen van de RUD, met, aldus de Rekenkamer, als belangrijkste argumentatie het ongemak van de ondernemer door de bedrijfsbezoeken en inspecties van RUD-medewerkers

  • Er nog geen definitief en integraal plan van aanpak voor herstelwerkzaamheden is vastgesteld, aldus de Rekenkamer;

    Overwegende dat:

  • Deze gang van zaken mogelijk formeel te rechtvaardigen is, maar de schijn van belangenverstrengeling wekt,

  • De situatie dat de provincie geheel of gedeeltelijke zakelijke belangen in ondernemingen verwerft zich vaker voordoet, en aldus een vaste gedragslijn met betrekking tot de uitvoering van de daarbij betrokken VTH-taken gerechtvaardigd is

  • De provincie desondanks bevoegd gezag blijft

    Van mening zijnde dat:

Bij de uitvoering van VTH taken bij ondernemingen waarin de provincie, geheel of gedeeltelijk, een zakelijk belang heeft iedere schijn van belangenverstrengeling vermeden dient te worden;

Verzoeken het college van Gedeputeerde Staten om:

Een vaste gedragslijn vast te stellen, waardoor in geval van een zakelijk belang in een bedrijf of onderneming de VTH-taken bij de RUD belegd blijven, en het mandaat terzake niet wordt teruggenomen, tenzij GS PS vooraf consulteert,

En gaan over tot de orde van de dag,

Pascale Plusquin

Partij voor de Dieren


Status

Ingetrokken

Voor

Tegen