Bijdrage Plusquin DSM-debat


12 november 2021

Voorzitter,

Ik zou bijna zeggen: ‘alles kan’. Deze wijze woorden moeten ook wel eens bij de leiding van DSM door het hoofd geschoten zijn. Zeker nadat men een miljoenensubsidie in de schoot geworpen kreeg van de commissaris van de Koning.

En ik zeg wel degelijk: in de schoot geworpen. Een bedrijf dat 1 miljard winst maakt in een half jaar tijd heeft natuurlijk geen steun nodig. Maar het ergste is dat DSM niet eens zelf gevraagd heeft om deze miljoenensubsidie.

Het werd als lokkertje uitgedeeld aan DSM. Om DSM voor Limburg te behouden, aldus de CdK. Dat klinkt uiteraard heel nobel en sympathiek. Ware het niet dat DSM zelf nooit serieus heeft overwogen heeft om Limburg te verlaten. Dat blijkt wel uit opgevraagde stukken middels een Wob-verzoek.

En dan heb ik het niet eens over het potje waar deze subsidie uit moest komen. Het KLC, bedoeld om kleine Limburgse centra te ondersteunen. Om het over de timing, met Valkenburg dat net getroffen was door noodweer plus corona dat er voor de tweede keer flink inhakte, niet eens te hebben.

Kortom: aan alle kanten ontbreekt het deze geplande miljoenensteun aan noodzaak en spoedeisendheid.

Dat begreep oud-gedeputeerde Koopmans dan weer wél. Begin dit jaar kreeg DSM keihard nul op het rekest. Op steun van de provincie moest men bij DSM niet rekenen.

Waarom is de huidige CdK hier een halfjaar later dan wel ingetuind? Wist u dat DSM niet serieus overwoog om te vertrekken uit Limburg, en slechts ‘hard to get’ speelde? Hoe verhoudt dit gegeven zich tot uw uitspraken om het ‘DSM voor Limburg te behouden’?

Nogmaals: er bestond geen enkele noodzaak voor de subsidie. DSM was nooit van plan Limburg te verlaten. Wij zijn dan ook van mening dat wij hier verkeerd ingelicht zijn. En dit is in strijd met zowel de actieve als de passieve informatieplicht van het college.[1]

Sowieso hebben wij vragen bij de hele gang van zaken in Limburgse acquisitiedossiers. Immers, dit gebeurt in beginsel onder geheimhouding. Daarnaast vragen wij ons af om hoe dit beleid functioneert in vergelijking met de overige Nederlandse provincies. Is het Limburgse model te ambitieus, of juist te voorzichtig?

Daar dienen wij dan ook een motie voor in. Hierin roepen wij uw college op om de statenonderzoeker te laten nagaan hoe de overige elf Nederlandse provincies omgaan met hun acquisitiebeleid. En deze uitkomsten voor te leggen aan PS.

Dank u wel.

[1] Art. 167 Provinciewet.