Motie Tijde­lijke stop vergun­ningen die gebruik maken van de PAS


15 december 2018
Voorzitter, in de Commissie is de uitspraak van het Europese Hof over de programmatische aanpak stikstof aan de orde geweest. Een uitspraak die zeer strenge criteria oplegt aan een dergelijke programmatische aanpak. Begin volgend jaar zal de Nederlandse Raad van State de uitspraak omzetten in Nederlands recht, en nu is te voorzien dat de PAS daar op zijn minst niet ongeschonden uit zal komen. Kernpunt is dat er volledige wetenschappelijke zekerheid moet zijn dat er in overbelaste situaties, door het toestaan van nog meerstikstofdeposities, geen onomkeerbare schade aan de natuur wordt gedaan.

Dat soort overbelaste situaties, waarin de zogenoemde “kritische depositiewaarden” in natuurgebieden al worden overgeschreden, zijn er in Nderland legio. Ook in Limburg. Zo heeft inspreker Wim van Opbergen, van de jubilerende werkgroep Behoud de Peel, ons er op gewezen dat die overschrijding in de Peel 200% bedraagt.

De vraag is dan: moet je als provinciale overheid, die de vergunningen verleent, dan doorgaan alsof er niets aan de hand is? En nog steeds “ontwikkelruimte” uitdelen in overbelaste situaties? En daarmee niet alleen de natuur verder schaden, maar ook een risico nemen dat die vergunningen na de a.s. uitspraak van de Raad van State weer zullen moeten worden ingetrokken? Daaronder valt dan ook het accepteren van meldingen, namelijk van deposities die onder de 1% van de kritische depositiewaarde vallen.

Alsnog intrekken van vergunningen zal schadevergoeding totgevolg hebben, voor investeringen die in goed vertrouwen op basis van de vergunning of acceptatie zijn gedaan. Want na de uitspraak van het Hof van Justitie is de juridische situatie voor de provincie veranderd: doorgaan met vergunningverlening, en het accepteren van meldingen is nu willens en wetens eenrisico nemen. Dat die vergunningen weer zullen moeten worden ingetrokken, na de a.s. uitspraak van de Raad van State. Een handhavingsverzoek van de natuurbeschermingsorganisaties is daarvoor voldoende. In die financiële strop moet je als provincie je hoofd niet willen steken.

Het college zegt: we onderkennen dit risico, en dat doen we door 40% ontwikkelruimte in reserve te houden. Maar tussen die 40% en wat er tot nu toe is opgesoupeerd kan een gapend gat zitten. Bedenk dat het ook om industriële projecten kan gaan, wegaanleg, woningbouw waar ontsluiting voor nodig is, alles wat stikstof uitstoot.

Belangrijk: de motie zet niet alle nieuwe ontwikkelingen op slot. De motie vraagt om, tot de definitieve uitspraak van de Raad van State, voorlopig terug te vallen op de vergunningverlening zoals die voor de PAS was. Waarin per project, per aanvraag, werd gekeken of er tegelijk mitigerende of compenserende maatregelen konden worden getroffen om te zorgen dat stikstof deposities niet verder oplopen.

Wij roepen andere partijen op om met ons, onomkeerbare risico’s voor de natuur, en onbeheersbare risico’s voor de provinciale financiën, niet te willen nemen.

Motie Tijdelijke stop vergunningen die gebruik maken van de PAS

Provinciale Staten van Limburg, in vergadering bijeen op 14 december 2018,

Constaterende dat:

- Op 7 november 2018 het Europees Hof van Justitie uitspraak heeft gedaan over prejudiciële vragen van de Raad van State over de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS)
- De Raad van State op 14 februari 2019 zitting heeft en over de PAS een bindend inhoudelijk besluit zal formuleren dat binnen 6 weken bekend gemaakt wordt
- In de uitspraak, m.n. rechtsoverwegingen 104, 124 en 132, strenge maatstaven zijn aangelegd voor de beoordeling van een programmatische aanpak als de PAS
- Daartoe de eis behoort van volstrekte zekerheid over de uitvoering en het effect van alle daarin opgenomen maatregelen die beogen stikstof uitstoot te verminderen
- In 118 van de 162 Nederlandse Natura 2000 gebieden overbelasting optreedt doordat de kritische depositiewaarden worden overschreden, w.o. ook Limburgse gebieden
- De provincie bevoegd gezag is voor vergunningen Wet natuurbescherming (Wnb)

Overwegende dat:
- De PAS het nu nog mogelijk maakt om stijgende stikstofdeposities te vergunnen in overbelaste situaties
- Er een gerede kans bestaat dat de Raad van State, gegeven de uitspraak van het Europese Hof, zal besluiten de PAS, geheel of gedeeltelijk, buiten werking te stellen
- Voorzienbaar is dat dan ook reeds verleende Wnb-vergunningen zullen moeten worden her beoordeeld, en in overbelaste situaties ingetrokken
- Bij het intrekken van reeds verleende vergunningen vanwege tekortkomingen in regelgeving, de overheid in beginsel financieel aansprakelijk is
- De omvang van dit financiële risico voor de provincie niet overzienbaar is, gegeven de forse investeringen die ondernemers en initiatiefnemers bij uitbreiding van hun activiteiten hebben ondernomen
- Nieuwe financiële risico-situaties vermeden kunnen worden door onmiddellijk bij de Wnbvergunningverlening, en het accepteren van meldingen, geen gebruik te maken van de mogelijkheden die de PAS biedt om deposities in overbelaste situaties te laten oplopen.

Van mening zijnde dat:
- Het verder laten stijgen van deposities in al overbelaste situaties ongewenst is als er geen volstrekte zekerheid is dat dit door gelijktijdige maatregelen volledig wordt gemitigeerd of gecompenseerd
- Het niet wenselijk is om niet overzienbare financiële risico’s te nemen
- De provincie geen nieuwe PAS mogelijkheden dient aan te bieden totdat de Raad van State uitspraak heeft gedaan en aan de hand van deze uitspraak indien nodig beleidsaanpassingen uit te voeren

Verzoeken het college van Gedeputeerde Staten om:
- Tot de definitieve uitspraak van de Raad van State bij de vergunningverlening Wet natuurbescherming, en het accepteren van meldingen, geen gebruik te maken van de mogelijkheid die de PAS biedt om in overbelaste situaties stikstofdeposities te laten
toenemen


En gaan over tot de orde van de dag,

P. Visser,
SP

P. Plusquin
Partij voor de Dieren


Status

Verworpen

Voor

Tegen