Beant­woording vragen hippische sport fractie PvdD n.a.v. Staten­com­missie CS 22-11-2019


Antwoorddatum: 4 dec. 2019

Vraag 1: Aandacht voor Dierenwelzijn. Blijft dit bestaan?

Aandacht voor dierenwelzijn is een verantwoordelijkheid van de hele hippische sector. Het wordtlandelijk door de Sectorraad Paarden opgepakt. Zij vertegenwoordigt en behartigt de collectievebelangen van de hippische organisaties die actief zijn in de Sport, fokkerij en de ondernemers. Het isgeen primaire taak van de Provincie. In Limburg wordt er op een aantal manieren via de StichtingLimburg Paardensport structureel aandacht gegeven aan dierenwelzijn:

  • Via voorlichting:

    • In 2017 heeft de Stichting Limburg Paardensport in samenwerking met de KNHS (Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie) en FNRS (Federatie van NederlandseRuitersportcentra) een voorlichtingsboekje uitgebracht “Hoe verzorg ik mijn paard” dat nogsteeds gebruikt wordt bij voorlichting over paardenwelzijn aan kinderen;

    • Via de vele kennismakingsactiviteiten voor de jonge jeugd zoals het scholenprogrammatijdens JIM, de Limburgse basisschoolkampioenschappen en de SoSo Bixie events is eraandacht voor welzijn door bijvoorbeeld voorlichting, begeleiding, workshops, presentaties endemonstraties;

    • Tijdens het scholenprogramma voor kinderen rondom het WK 4-spannen in 2020 zalpaardenwelzijn tevens een belangrijk thema vormen. De eerste promotie video voor dit WKstaat in het teken van een dag uit het leven van Eddy, één van de paarden uit het vierspanvan veelvoudig Wereldkampioen IJsbrand Chardon, bewust is gekozen voor een vernieuwdeinsteek: voorlichting en nieuwe inzichten betreft paardenwelzijn richting een breed publiek;

    • Tijdens sportstimuleringsprogramma’s zoals de KNHS Talent Boost en Fokker zoekt ruiter,komt uitgebreide voorlichting in het kader van welzijn, gezondheid en goed management vanhet paard aan de orde.

  • Via onderwijs:

Bij de ontwikkeling van de nieuwe opleidingsstructuur voor het MBO-onderwijs paardenhouderij en paardensport onder de vlag van Hippisch College Limburg, eensamenwerkingsverband tussen CITAVERDE College en ongeveer 45 paardenbedrijven uit deregio, betreft paardenwelzijn een majeur thema, sector en onderwijs trekken hieringezamenlijk op.

• Via voorwaarden m.b.t. subsidie:
In het verleden is bij het subsidiëren van hippische koploper omgevingen (accommodaties) devoorwaarde gesteld dat het duurzame paardensportomgevingen moeten zijn met goedebasisfaciliteiten uit oogpunt van paardenwelzijn.

• Landelijk:
Door de landelijke belangenbehartiger, de Sectorraad Paarden, wordt het Keurmerk Paard enWelzijn doorontwikkeld en uitgerold. Stichting Limburg Paardensport zet in op eensamenwerkingsverband met de Sectorraad Paarden voor een pilot ter bevordering van hetaantal Limburgse paardenbedrijven met het Keurmerk Paard en Welzijn.

• Algemeen:

  • Stichting Limburg paardensport bekijkt samen met Maastricht Aachen Airport of meer paardenvliegtransporten direct in de regio kunnen worden gefaciliteerd waarmee reisschema’s voor paarden verder kunnen worden geoptimaliseerd;

  • Bij Equinnolab in Weert worden tijdens trainingen metingen verricht om het management rondom trainingen en de training zelf verder te kunnen verbeteren.

  • Veterinaire klinieken in Limburg worden uitgebreid om nog betere zorg te kunnen bieden;

  • Het kwaliteitslabel Paarden Welkom dat dit jaar door de KNHS is gelanceerd, betrof eeninitiatief van de Stichting Limburg Paardensport dat landelijk is uitgerold na ontwikkelingtijdens een pilot in Limburg. Dit label staat in het teken van veiligheid en welzijn en stimuleertondernemers tot faciliteren van short/long stay dagrecreatie met paarden in de regio. Limburghad de primeur met erkenning voor de eerste drie bedrijven.

  • Met ontwikkeling van het knooppuntennetwerk van ruiter- en menroutes worden insamenwerking met bijvoorbeeld gemeenten, paardenbedrijven en verenigingen goede enveilige routes gefaciliteerd.

Vraag 2: N.a.v. de Motie van de heer Tegels is in het vorige sportbeleid aan een drietalpaardenopvang locaties in Limburg een incidentele subsidie a € 5.000,- verleend. Kan erstructureel geld naar paardenopvang zoals er ook structureel geld gaat naar het platform voorde paardensport?

Wat betreft het provinciale sportbudget gaan middelen naar de sporttakplatforms. Zij bepalen inoverleg met de sportsector waar de middelen het beste aan besteed kunnen worden in het kader vanhet sportbeleid.
Het platform voor de paardensport maakt jaarlijks een werkplan waarvoor zij een bijdrage kunnenvragen bij de Provincie. Hoofdonderwerpen in dit werkplan zijn breedtesport, talentontwikkeling enevenementen. Het platform bepaalt in overleg met de sector welke activiteiten in een jaar op deagenda komen.
Paardenopvang is een verantwoordelijkheid voor de sector zelf. In het werkplan van de paardensportkrijgt dit aspect aandacht o.a. door het ontwikkelen van een kwaliteitslabel ketensamenwerking i.s.m.de bond. In dit traject zet Limburg Paardensport vooral in op voorlichting en kennisdeling via allerleiprojecten en activiteiten die worden ondersteund.
Daarnaast hebben ons (via het platform en/of rechtstreeks) geen signalen meer bereikt vanmistoestanden.

Vraag 3: In het tijdschrift Dier en Recht heeft een artikel gestaan over het welzijn van paardenop maneges: Hoe gaan wij als paardensportprovincie om met de aanbevelingen uit dit stuk?
Door de landelijke belangenbehartiger Sectorraad Paarden wordt in samenwerking met de grotesectorpartijen en de dragende organisaties gewerkt aan en geïnvesteerd in verdere verbetering vanhet welzijn en de gezondheid van paarden. Zo wordt de Gids voor Goede praktijken die door deSectorraad Paarden (SRP) is ontwikkeld, door paardenhouders gebruikt als richtlijn voor het houdenvan paarden. De Gids wordt ook als leidraad en ter ondersteuning gebruikt bij handhaving enbewijsvoering door de NVWA en de Landelijke Inspectiedienst (LID). De sector heeft zelf ookinitiatieven ontwikkeld om het welzijn van paarden te verbeteren. Daarover heeft het ministerie vanLNV regelmatig contact met de Sectorraad paarden (SRP). Als logisch vervolg op de Gids voor GoedePraktijken is door de samenwerkende partijen in de SRP een paardenwelzijnscheck ontwikkeld. Metdeze paardenwelzijnscheck wordt aan de hand van een serie vragen, die de houder moetbeantwoorden, een inschatting gemaakt van het welzijnsniveau van een paard. Het doel van dezecheck is het bewustzijn bij paardenhouders omtrent paardenwelzijn te vergroten en hen te wijzen opverbeterpunten op dit vlak. Daarnaast rolt de SRP het Keurmerk Paard en Welzijn (KPW) verder uit.Bedrijven met een keurmerk worden elke 2,5 jaar gekeurd. De inspecteur van het KPW inspecteert deinrichting waar het paard wordt gehouden op welzijnsaspecten. Stichting Limburg Paardensportrespecteert de inzet en positie van de Sectorraad Paarden inzake ook het thema paardenwelzijn enzet in op een samenwerkingsverband met de Sectorraad voor de pilot ter bevordering van het aantalLimburgse paardenbedrijven met het Keurmerk Paard en Welzijn.

Daarnaast worden bij de beantwoording van vraag 1 specifieke activiteiten voor Limburg genoemddie invulling geven aan voorlichting over paardenwelzijn bij particulieren.

Vraag 4: Wens om een dekkend ruiternetwerk te creëren?
Het organiseren van routestructuren is primair een verantwoordelijkheid van gemeenten. Dit doen zijin samenwerking met de Routebureaus. In het kader van ruiter- en menroutes werkt het platform voorde paardensport samen met gemeenten en de KNHS aan uitbreiding van het knooppuntennetwerkNood-Limburg en Zuid Limburg om te komen tot een dekkend netwerk.


Gedeputeerde Staten van Limburgnamens dezen,

dr. J.P. van den Akker LLM