02 maart 2026
Schrijven in de Staten - De Groote Peel
Een uniek Limburgs landschap om te koesteren
Aan de westrand van Limburg ligt een natuurgebied dat nergens anders in Nederland te vinden is: de Groote Peel. Vanwege zijn omvang en zijn uitzonderlijke natuurkwaliteit is de Groote Peel in 1993 aangewezen als Nationaal Park, en in 2004 als Natura2000 gebied. Het is een van de kleinste nationale parken van Nederland, maar tegelijk een van de meest unieke en meest kwetsbare.
De Groote Peel is een spiegel van het provinciale beleid. Wat hier gebeurt is het directe gevolg van keuzes over waterbeheer, landbouw en natuurherstel. Als Statenfractie van de Partij voor de Dieren volgen wij deze ontwikkelingen al jaren kritisch, omdat de provincie verantwoordelijk is voor het beschermen van Natura2000‑gebieden en het verlenen van vergunningen. In juli 2025 stelden wij daarom opnieuw vragen over de structurele grondwateronttrekkingen rond de Peelgebieden. Wij blijven dit beleid nauwlettend volgen, want wat de provincie hier besluit, bepaalt of dit bijzondere landschap kan herstellen, of voorgoed verloren gaat.
De Groote Peel is een open en weids gebied, gevormd door duizenden jaren hoogveengroei. Ooit was dit een van de grootste hoogveengebieden van West‑Europa. Door eeuwen van turfwinning is dat actieve hoogveen bijna helemaal verdwenen, maar de Groote Peel is nog altijd een natuurgebied van uitzonderlijke waarde. De 'littekens' van de turfwinning geven het gebied niet alleen een historische dimensie, ze hebben ook variatie toegevoegd aan het landschap dat bestaat uit water, moeras, heide en bossen en struwelen. Het is een plek waar zeldzame planten en dieren zich thuis voelen en waar de stilte nog echt stilte is.

Hoogveen: een klimaatheld die langzaam groeit
Hoogveen ontstaat wanneer veenmos zich ophoopt in natte, voedselarme omstandigheden. Dat proces gaat zo langzaam dat het duizenden jaren duurt voordat er een pakket van enkele meters ontstaat. In De Groote Peel gebeurde precies dat: Het veen groeide aan tot een meters dik pakket; op sommige plaatsen was de veenlaag 5 à 6 meter dik. Boven groeide het veenmospakket aan en onder stierf het af.
Door dit proces is hoogveen is een van de beste natuurlijke opslagplaatsen voor CO₂. Het houdt enorme hoeveelheden koolstof vast in de bodem. Zolang het veen nat blijft, blijft die CO₂ veilig opgeslagen. Maar zodra het veen uitdroogt, komt het vrij. Soms zelfs sneller dan bij een bosbrand. Verdroging is dus niet alleen een ecologisch probleem, maar ook een klimaatprobleem.

De Groote Peel is kwetsbaar
De Groote Peel heeft geen natuurlijke “badkuip” – een ondoorlatende ondergrond van klei en leem - zoals de andere peelrestanten in de omgeving. Water loopt er sneller weg, en dat maakt het gebied extra gevoelig voor verdroging. Droge zomers door klimaatverandering zijn funest voor het landschap.
De Groote Peel ligt ingeklemd tussen intensieve landbouwgebieden. Ook dat brengt grote uitdagingen met zich mee. Ontwatering door sloten en beregeningsputten verlaagt het grondwaterpeil. Pesticiden en meststoffen dringen tot diep in het natuurgebied door. Bemesting en uitstoot verrijken de bodem met stikstof waardoor soorten als pijpenstrootje en berken gaan domineren. De typische hoogveensoorten zoals lavendelhei, veenmos en zonnedauw verliezen dan terrein.
Zolang de druk van de landbouw zo groot blijft, blijft herstel kwetsbaar. Daarom pleit de Partij voor de Dieren voor een brede bufferzone rond kwetsbare natuurgebieden, met extensieve landbouw, natuurvriendelijke waterpeilen en minder uitstoot.
Een schatkamer van biodiversiteit
Ondanks alle druk is de Groote Peel nog steeds een van de rijkste natuurgebieden van Nederland.
Het gebied is van groot belang voor watervogels, vandaar dat het park een internationaal erkend 'wetland' is - en voor Limburg het enige ‘wetland’! Een kleine honderd vogelsoorten broeden er en talloze trekvogels strijken er voor langere of kortere tijd neer in het voor- en najaar.
Bijzondere moeras- en watervogels en vogels die hier leven zijn onder andere: dodaar, geoorde fuut, roerdomp, winter- en zomertaling, bruine kiekendief, waterral, nachtzwaluw, blauwborst en roodborsttapuit.


Rietganzen en kolganzen benutten de plassen in het reservaat als slaapplaats. De klapekster behoort tot de vaste wintergasten. In het voorjaar is de melodieuze zang van de wielewaal te horen. In struwelen langs de zandwegen broedt de spotvogel. In 2021 – na bijna 60 jaar afwezigheid – broedde de zeldzame Grote Karekiet weer in de Groote Peel. Een mooi teken dat natuurherstelmaatregelen successen boeken. De kraanvogel is een hele bijzondere gast in de Peel, die hier rust tijdens de trek en sinds enkele jaren zelfs broedt in de Peelvenen.
Naast de karakteristieke veenmossoorten (Sphagnum) kent de Groote Peel ook nog een groot aantal bijzondere planten, zoals bijvoorbeeld:
- Ronde en lange zonnedauw – vleesetende plantjes die insecten vangen
- Lavendelhei – een zeldzame struik die alleen in natte heide groeit
- Eenarig wollegras, kleine veenbes, veenpluis en witte snavelbies
- Klokjesgentiaan en grote wolfsklauw op de drogere delen


De Groote Peel kent een groot aantal soorten vlinders (ongeveer 30), libellen (ongeveer 40) en sprinkhanen (ongeveer 18). Daar zitten bijzondere soorten bij als het spiegeldikkopje (een van de zeldzaamste vlinders van Nederland), bont dikkopje, heideblauwtje, venwitsnuitlibel, bruine winterjuffer, moerassprinkhaan en zompsprinkhaan.


Van de reptielen en de amfibieën zijn de gladde slang, de levendbarende hagedis en de heikikker belangrijke en karakteristieke soorten van de Groote Peel.
In de Peel komen ongeveer 25 soorten zoogdieren voor. Denk aan ree, hermelijn, bunzing, das, wild zwijn en diverse vleermuissoorten.
Dit zijn slechts enkele voorbeelden van de duizenden soorten flora en fauna die in de Groote Peel te vinden zijn.
De natuur van de Groote Peel staat onder de druk
Niet alleen de veenmossen zijn in de Peel grotendeels verdwenen. Ook traditionele weidevogels als grutto, kievit en wulp hebben te lijden hebben van de ‘drooglegging’ van de Peel. En ook soorten als de veldleeuwerik zijn sterk achteruit gegaan.
Ook met de insecten gaat het helaas niet goed. Systematisch onderzoek in het hele Peelgebied geeft aan dat het aantal libellen in de afgelopen 25 jaar met 95% is afgenomen! Reeds in de jaren zestig moesten enkele hoogveen specialisten als de hoogveenglanslibel en de noordse glazenmaker het veld ruimen. Soorten die gebonden zijn aan een hoogveen-achtig landschap deden het lange tijd nog wel goed. Bijvoorbeeld de maanwaterjuffer, de noordse witsnuitlibel en de venwitsnuitlibel. Maar ook deze soorten zijn in de laatste jaren zeldzaam geworden. Ook de zwarte heidelibel - tot in de jaren tachtig nog een van meest algemene soorten – is nu erg zeldzaam geworden.


Als soorten volledig verdwijnen uit een gebied kan het vele tientallen jaren en soms zelfs eeuwen duren voordat ze terugkeren, al zouden de omstandigheden er weer gunstig voor zijn. Soorten met een gering verspreidingsvermogen kunnen vaak helemaal niet meer terugkeren omdat onze natuur te versnipperd is en de afstanden te groot zijn. Daarom is het van groot belang om de typische hoogveensoorten van de Peel te behouden voordat ze verdwijnen.
Herstelmaatregelen: werken aan een toekomst voor hoogveen
Omdat hoogveen zich alleen ontwikkeld in zeer voedselarm en zuur water, liefst met een constant peil, komt alleen regenwater in aanmerking voor het natter maken van het gebied. Het is dus zaak de regen, die in het gebied valt, zo lang mogelijk in het gebied vast te houden.
Daarom zijn er de afgelopen jaren grote projecten uitgevoerd, zoals het LIFE+ project. Het doel van dit project was het waterpeil te verhogen en de waterhuishouding beter te sturen, zodat het veen weer kan aangroeien en de bijzondere planten en dieren behouden blijven.
Deze maatregelen zijn niet zonder succes: de oppervlakte veenmos is de laatste jaren weer toegenomen en sommige soorten die al heel lang verdwenen waren keren voorzichtig weer terug.
De Paardenbegrazing: natuur die je het hele jaar kunt beleven
Aan de rand van de Groote Peel, in het hogere zuidoostelijke gedeelte, ligt een bijzonder gebied dat lokaal bekendstaat als de Paardenbegrazing. Het is ongeveer 130 hectare groot en bestaat hoofdzakelijk uit schrale graslanden, bossen, heide en gedeeltelijk herstellend hoogveen. Sinds ongeveer 1975 wordt het gebied jaarrond begraasd door pony’s, soms aangevuld met runderen en schapen. Hierdoor is het gebied in de loop van de tijd steeds schraler geworden.

Het blijkt uitermate soortenrijk te zijn. Sinds 25 jaar worden hier door lokale natuurverenigingen waarnemingen van flora en fauna bijgehouden. Er zijn in die tijd circa 2000 soorten aangetroffen waarvan 10 tot 15% in Nederland zeldzaam zijn. Een schatkamer van biodiversiteit!
Dit mooie wandelgebied blijft het hele jaar toegankelijk, ook wanneer grote delen van de Peel gesloten zijn om broedende of overwinterende vogels rust te geven.
Waarom de Peel onze bescherming verdient
De Groote Peel is geen museum van wat ooit was. Het is een levend landschap dat nog steeds groeit, verandert en verrast. Een zeldzaam en kwetsbaar ecosysteem waar verder herstel mogelijk is, maar alleen met hoge waterstanden en het fors terugdringen van stikstofuitstoot. Het is een gebied met een unieke combinatie van geologie, cultuurgeschiedenis en biodiversiteit. Een Limburgse parel om te koesteren.
Meer weten?
Meer informatie over de Groote Peel vind je o.a. op de website van het bezoekerscentrum de Pelen in Ospel:
Bezoekersinformatie - Buitencentrum De Pelen
Interessante en actuele informatie is ook te vinden op de website van Stichting Werkgroep Behoud de Peel, een vrijwilligersorganisatie die zich al sinds 1978 actief en strijdvaardig inzet voor het behoud en herstel van de Peel:
Behoud | Bescherming| Beheer | Werkgroep Behoud de Peel – Omdat de Peel onze hulp keihard nodig heeft